24-02-11

Verraad

facial-expressions.jpgMoet ge nu eens wat weten? Naar het schijnt spreekt mijn gezicht boekdelen.

 Ze hebben het mij al vaak gezegd, al zo vaak dat ik het ondertussen echt wel weet, maar vanmiddag stond ik toch weer even met mijn mond vol tanden.

Ik zat helemaal vanboven in de sauna. Eerst was er de gewone aangename vochtige warmte. De gloeiende stenen protesteerden sissend toen ze werden natgegoten. Na 2 seconden voelde ik de hitte al golvend mijn richting uitkomen. Omdat ik helemaal vanboven zat en redelijk dicht bij de warmtebron, was ik de eerste die het effect voelde. De warmte beet in mijn gezicht.

De man die de opgietsessie leidde, stond met zijn handdoek klaar. Ofwel gaat hij centraal staan en zwaait met de handdoek boven zijn hoofd zodat de hitte gelijkmatig in de ruimte verdeeld wordt, ofwel krijgt elke aanwezige een zwaai vlak voor het gezicht zodat er stoot warme lucht jouw richting uitkomt.

Aangezien ik zo dicht bij de stenen zat, was ik één van de eerste die aan de beurt kwam. Ik zat al klaar met mijn ogen dicht, maar er kwam niets. Ik keek en zag hem terugkijken met een vragende blik in zijn ogen.

“Alles ok hoor, “ zei ik, ‘’t is warm maar ik kan daar best tegen”.

“Aan je gezicht te zien is het anders toch warm genoeg.”

Kijk, dat collega’s of vrienden dat tegen mij zeggen, dat snap ik best. Ze kennen mij al goed genoeg en kunnen elke uitdrukking interpreteren. Maar dat een wildvreemde dat zo kan aflezen…brrr, dat wil toch zeggen dat ik echt wel een open boek ben.

Langs de ene kant vind ik dat prima. Je weet direct wat ik er van denk. Geen verkeerde interpretatie mogelijk. Schamen

Langs de andere kant is het toch wel handig als je af en toe iets kan verstoppen. Soms moet je al eens vriendelijk zijn tegen iemand terwijl je hem of haar het liefst in de hoogte boom wil parkeren. Of soms wil je gewoon niet dat iemand anders weet wat je echt denkt. Mijn gedachten moeten mijn gedachten blijven, tenzij ik ze bewust wil delen.

Ik kan dat blijkbaar niet. Zelfs als ik het wil, verraad ik mezelf nog. Zelfs in de sauna en zelfs als het gaat om zoiets onnozels als een handdoekzwaai.

Ach.

Overigens, héérlijk genoten van een hele dag niks anders doen dat zweten, afkoelen, drinken, eten, rusten en babbelen. Vooral babbelen. Véél babbelen.Lachen

22:13 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

06-02-11

Moeten

Ik móet nog zóveel doen, zei Jos,

ik móet nog zóveel regelen,

ik móet nog naar Den Bosch

en ik móet nog gauw naar Tegelen.

Ik móet naar dit en ik móet naar dat,

ik móet naar wie…ik móet naar wat…

ik móet naar alle kanten.   

 

Met al dat ‘moeten’ heeft hij mooi

zijn beste tijd bedorven,

ik hoorde gister in het Gooi

dat hij ‘moet’ zijn gestorven.

 

(Toon Hermans)

 

 
Een weekend dient toch om uit te rusten, hé? Dat zijn 2 dagen waarin je het kalmer aan mag doen en er niet echt iets moet. Ja, dag Jan!

 Vrijdagavond was inderdaad rustig. Ik MOEST alleen Wouter gaan halen op een feestje rond 20u. Zaterdagmorgen heb ik lekker lang geslapen, kreeg ik daarna een babbelbezoekje van mijn broer en MOEST ik naar de begrafenis. ’s Namiddags was er niets bijzonders gepland, maar als ik de komende week groenten en fruit wilde eten, MOEST ik wel even naar de winkel gaan. ’s Avonds hadden we een sauna gepland en dus MOEST ik de babysit vlug gaan ophalen na het eten. Zondagmorgen had Robin een volleybalmatch in Mortsel en MOESTEN wij om 8u40 aan de zaal verzamelen. Bovendien was het mijn beurt om te rijden dus MOEST ik chauffeur van dienst zijn. Na de middag MOEST ik van mezelf gaan lopen, omdat ik daar veel zin in had. En vanavond ben ik met Robin naar de volleybalmatch van Heren1 gaan kijken. Niet dat dat MOEST, maar dat wilden we beide wel graag.

 Ik wil maar zeggen: ik heb niet veel kans gekregen om mezelf te vervelen of om mezelf af te vragen wat ik nu eens zou gaan doen. Efkes rusten, bijvoorbeeld :-) Ach, de meeste dingen die ik MOEST doen, deed ik graag. Maar ik heb nu wel het idee dat het weekend al voorbij is voor het echt kon beginnen. Een knip met de vingers en hopsakee, we zijn 48 uur verder.

 Ik heb trouwens wel gerust: in de sauna. Héérlijk vind ik dat. Die tegenstelling van warmte en koude, daar wordt een mens zo ontspannen van. Zo lekker moe zonder dat je er iets voor moet doen. Lui zweet is rap gereed, zeggen wij dan.

 Tijdens één van de opgietsessies was ik –tegen mijn gewoontes in- een bankje lager gezakt omdat het me wat te heftig werd. Toen ik al dampend en zuchtend buiten kwam, voelde ik mijn hart hevig tekeer gaan. Tegelijkertijd voelde ik me zo slap als een vod worden, alsof alle energie weggestroomd was. En mijn hart maar bonken. Een beetje teveel van het goede, denk ik. Ik zette me op een bankje en liet de zotte wind zijn werk doen. Beetje afkoelen. Maar ook dat afkoelen ging niet helemaal goed want het duizelde in mijn hoofd. En dus legde ik mezelf even terug in de sauna om wat bij mijn positieven te komen.

 Het gevoel waarmee je dan ’s avonds in bed gaat liggen, dat is onbeschrijfelijk. Zo heerlijk loom en ontspannen. Zo rustig. De lakens voelden lekker koel aan op mijn warme lijf, ik vleidde mijn hoofd op het kussen en ik heb geen 10 seconden meer wakker gelegen. Ogen dicht en in no time compleet van de wereld. Zálig.

21:57 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

04-11-10

Groen

Hoewel er van mijnentwege wel teken van leven was op andere social websites , was er toch enige ongerustheid te merken onder enkele lezers van dit blogje. Mediastilte wil meestal iets zeggen. Geen tijd? Geen goesting? Geblesseerd? Of nog erger: writer’s block? Voor zij die het zich afvroegen, kan ik Eddie-Vedder-gewijs antwoorden: I’m still alive. Of zelfs Jim-Kerr-gewijs: Alive and Kicking! Onkruid vergaat immers niet.

Er valt dan ook niks spectaculairs te vertellen over de laatste weken. Ik ben een cursus aan het volgen en het huiswerk dat we meekrijgen vraagt elke dag wel een uurtje van mijn tijd. Toegegeven, mijn bereidheid is niet alle dagen even groot om het eens met een understatement te zeggen, maar engagement is engagement.

Even dreigde er een “lachen-met-Sandy”-verhaal te volgen. Maar de gedachte aan de reactie van Marathon Geert die zelf een patent heeft op “lachen-met-xx”-verhalen, deed me besluiten om geen risico’s te nemen.

groen.jpgIk was namelijk aan het schilderen hier in huis. Wouter had een kleur mogen kiezen voor zijn kamer. We kwamen de winkel binnen, hij stapte gedecideerd naar de muur waar alle kleuren van de regeboog voor het uitkiezen hingen, en zonder te twijfelen ging zijn vinger naar de meest afgrijselijke kleur van het hele pallet: namelijk fluorescerend groen. Geen knalgroen, geen hard groen, geen grasgroen, maar werkelijk fluorescerend groen. Een héél uur heb ik het kind proberen te overtuigen van een andere kleur. Een héél uur. Ik weet niet van wie hij zijn vastberadenheid heeft geërfd, maar verdorie, dat kind weet wat hij wil. Op een gegeven moment had ik een kleurenwaaier vast. Ik zag een soort groen dat niet fluoresceerde maar waar ik nog altijd wel koppijn van kreeg. Tja, op den duur geeft een mens toe, hé. Ik vroeg hem zijn mening. “Awel ja, dat is goed,” zei hij. Ik beval de bediende om die kleur te maken. Nu. Direct. Bang dat mijn kleine wijsneus van gedacht zou veranderen. 

En zo kwam het dus dat ik de muren in zijn kamer groen schilderde. Mijn lieve zus bood spontaan aan om mee te helpen, kwestie van de koppijn wat te verdelen.  Zij deed de eerste laag in Wouter zijn kamer, en ik nam onze kamer onder handen met bosbessenyoghurtkleur. Althans, zo beschreef mijn broer het, en dat was eigenlijk de nagel op de kop. 

Op dag 2 volgde een tweede laag van het knalgroen. En zowaar, eens alles afgewerkt was en de kamer terug aangekleed was bekeek ik het resultaat. Eigenlijk was het een hele frisse kleur. Het is net alsof de lente in dat kamertje woont. Moest je wakker worden tussen dergelijke groene muren nadat je de avond ervoor wat veel alcochol genuttig hebt, dan kan ik me voorstellen dat je maag zich net iets sneller zou omdraaien. Maar toch….ik moet toegeven dat mijn zoon risico’s durft nemen. Het leven is aan de durvers, nietwaar?

Op dag 2 volgde ook de eerste laag bosbessenyoghurt in de bureau. En hier kwam het beruchte ramenwassenladdertje aan te pas. Op een gegeven moment stond de bak met verf op het plateautje bovenaan. En moest ik de ladder verschuiven. Voor ik het wist had ik de ladder al vast. Maar toen zag ik in gedachten bosbessenyoghurtverf in mijn décolleté terechtkomen. Ik stopte. Ik lachte, en ik nam de verfbak van het laddertje alvorens de ladder te verschuiven. Het verhaal van de ezel en de steen, weet je wel? Nee, nee, ik ben dan wel onnozel, maar zo onnozel nu ook weer niet! Ha!

Op dag 3 volgde een stijfheid van mijn beenspieren die niet normaal was. Kamers schilderen is harder afzien dan een halve marathon lopen. Echt waar! Of zou dat allemaal kwestie van training zijn? Dan heb ik nog wat trainingsuren voor de boeg, want de schildersmicrobe in mijn lijf is nog niet uitgewoed. Komend weekend nemen we even een pauze, maar het lange weekend daarna zal weer gevuld worden met borstels, verfrollen en trapladdertjes. Ineens doorbijten, dan ben ik er weer vanaf voor een paar jaar.

Lopen doen we ook nog wel, maar de drive is wat zoek. De lange donkere avonden doen daar geen goed aan. Ik moet echter dat logge lijf van mij in beweging houden want de weegschaal is onverbiddelijk hard. De chocolade kan daar ook voor iets tussen zitten, maar dat weet ik niet zeker ;-)

16:56 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

22-09-10

Een vrije namiddag

hurry.gifWoensdagmiddag 12 uur. Einde van de werktijd voor vandaag. Voor de werktijd op kantoor tenminste. Een vrouw heeft nooit echt gedaan met werken. Ik ga de trap af als ik mijn GSM hoor piepen. Een sms van Mark. Hij komt vanmiddag thuis eten. Leuk, dan zitten we vanmiddag met 4 aan tafel.

Ik vertrek met de auto, doe de zonneklep naar beneden en reik naar mijn zonnebril. Shit, die ligt niet hier. Ah ja, ik had hem gisterenavond uit deze auto genomen omdat ik met Mark zijn auto naar de training ging rijden.

10 na 12. Ik stop bij de beenhouwer. 2 mensen voor mij. Zou het me lukken om op tijd thuis te zijn voor ons mannen er zijn?  Kwart na 12, ik ben aan de beurt. Wat gebraad, wat biefstuk, wat kalkoenlapjes, wat charcuterie. Ik laat mijn ticketje van vorige week zien, er moet nog een bedrag in mindering gebracht worden. Heel toevallig had ik ontdekt dat ik de bestelling van mijn voorganger meebetaald had. Normaal gezien gooi ik die briefjes altijd direct weg zonder ze te bekijken. Vorige week dus niet. Gelukkig maar. De dame neemt een rekenmachine en begint te tellen. Oei, fout getikt, opnieuw.  Dju, weer fout getikt, nog eens opnieuw. Wéér fout getikt, “wat voor een rekenmachine is dat, zeg!” hoor ik haar zeggen. “Doe maar rustig,” zeg ik. Ik kijk op mijn klok. 20 na 12. Ik ga niet op tijd thuis zijn.

 Ik vervolg mijn weg naar huis en kom onderweg op de gebruikelijke plaats familie eend tegen. Grote vergadering, vermoed ik, gezien hun aantal. Thuis zitten Mark en ons mannen al aan tafel. “Je bent zo laat, mama?” vragen de kinderen me. Een paar boterhammen eten, wat babbelen over school, over ’t werk….

Tafel afruimen. Ons mannen ploffen op de zetel. “Mannekes, ga eens naar buiten spelen!”, maan ik hen aan. Hoe is dat in godsnaam mogelijk? Altijd maar voor die tv willen zitten! Mark vertrekt. Kusje, en hij is weg.

Het is 13 uur. Afwachmachine leegmaken.  Als ik de kast van de brooddozen en drinkenbussen open doe, komt alles eruit gevallen. Dat komt ervan als je je kinderen de afwasmachine laat leegmaken en alle spullen in de kast laat zetten. Ik zucht, haal het meest eruit en maak mooie stapeltjes in de kast.

Als dit klaar is, ga ik naar de bureau en zet de pc op. 

- “Hela, als ik geen tv mag kijken, moet jij niet aan de pc gaan zitten!” zegt Robin me vermanend.

- “Ik heb al wel gewerkt, hé jongen, ik heb de afwasmachine helemaal alleen leeggemaakt. En wat heb jij gedaan?” snauw ik hem af.

Wouter houdt mijn gejakker voor bekeken en gaat bij moemoe spelen.

 Een mail ivm een retourzending die ik naar Nederland moet sturen. Ik moet op hun website aanloggen om een retourformulier aan te maken en dit uitprinten. Wat een gedoe. Ik open internet. Geen verbinding. Verdorie! Dat was gisterenavond laat ook al het geval.  Ook de mail geeft plots een foutmelding.

Accountinstellingen testen. Noppes. Ik meld me af en meld me terug aan. Nog eens proberen. Lukt niet. Ik meld me af, zet de pc uit, trek de pries uit, zet alles terug op, meld me aan, verbinding testen. Nog steeds niet. Miljaar!!! PC terug af.

Telefoon. Het vriendje van Robin vraagt of Robin niet bij hem kan komen spelen ipv hij bij ons. De lijn wordt plots verbroken. Een halve minuut later belt hij terug. Ok, ok, ik breng Robin wel. Hem alleen laten gaan met de fiets betrouw ik niet want hij moet de grote baan oversteken.

Ik ga naar de garage. Trek de stekkers van de modem en de router uit, steek alles terug op zijn plaats. Ik zet de pc terug op en meld me aan. Terug verbinding. Yes!!! Zeg nog eens dat een vrouw hare plan niet kan trekken.

Robin komt vragen wanneer we vertrekken. “Sebiet.” “Ja maar, wanneer is sebiet? Binnen 5 minuten of binnen een half uur?” “Sebieieieieieiet!!” roep ik geïrriteerd.

 Mijn wachtwoord blijkt niet meer te werken, dus ik vraag een nieuw op.  Allé vooruit, alles ingevuld, retour aangemeld, maar dat ding wil niet printen “Can’t open the document vanwege één of andere failure”. Godmiljaarde! Waarom wil dat ding niet meewerken? Ik maak een screenshot van de belangrijkste gegevens, print dat af en steek dat bij in de doos. Het moet maar goed genoeg zijn. Het is bijna 14 uur.

We vertrekken met de auto. Met de fiets had ook gegaan, maar ik moet nog naar de apotheker en dan is de auto sneller. “Oh ja, vergeet niet dat ik straks wil trakteren op de volleybal, hé! Je moet nog snoepjes gaan kopen!” zegt Robin me.  Robin bij het vriendje afgezet en ik rij richting Oostmalle.

Eerst nog stoppen op het postpunt om mijn pakketje te verzenden. Aangetekend? Waarom niet, doe maar vlug. 11 euro? Pfff, dan bestelt een mens al eens iets via internet voor de goedkoop en nu ben ik wel ferm gechareld. Ach, who cares. Ik betaal en ben er vanaf. Nah! Weg met dat ding! Ik wil er niks meer over horen.

Ik stap in en rij verder. File. Ik ben verdorie ons dorp amper uit! Wat is er aan de hand? Ik besluit aan te schuiven. Er zit toch niks anders op.

Wim de Craene zingt over Rozanne.

Weet je nog hoe ik vertelde
hoe pijnlijk het afscheid is.
Hoe traag een schip de baai afvaart
hoelang het wuiven is.
Voordat het schip een stip wordt
dat helemaal verdwijnt.
En hoelang je nog zou blijven
in de havenkroeg bij Stijn.


En toen we afscheid namen
was ik rotsentimenteel.
Ik wou voor het laatst met jou naar bed
en God het scheelde echt niet veel.
Niemand was die nacht, Rozanne,
zo gek als wij ons twee.
Hoe gek het ook mag blijven
’t viel allemaal wel mee.

Ik vraag me af wat hem er 20 jaar geleden toe gedreven heeft zich van het leven te beroven. Een mens moet toch echt aan het einde van zijn latijn zitten als dat nog de enige uitweg lijkt.  Ik zou het nooit doen, maar ik begrijp hem. Soms doet leven gewoon pijn. Te veel pijn om te kunnen dragen.

Waarom wilde ik alweer per se naar Oostmalle naar de apotheker? Omdat de apotheker van ons eigen dorp nooit iets in huis heeft, en we al jaren naar Oostmalle rijden. Da’s waar. Maar het zijn nu andere uitbaters, misschien in het vervolg toch eens proberen? Wat maakt het nu nog uit? Ik ben al halfweg. We maken vorderingen! 10 km/u…20 km/u….30 km/u…hola, we rijden! Eens ik het kruispunt over ben parkeer ik de wagen en snel naar binnen. Een potje dagcrème van Widmer – mijn favoriet, en zalf tegen aftjes want Robin met zijn blokjes…, en oh ja, vitamientjes voor mezelf. En ook nog een fles tegen de snotvalling. En da’s just, nu ik hier toch ben: 2 tubes tandpast van Sensodyne, die speciale die je niet in de winkel kan krijgen. Die moest ik al zo lang geleden gekocht hebben. Klantenkaart? Die zit nog in mijn gestolen handtas. Niet erg, dan maken ze wel een nieuwe aan en zetten ze de puntjes over.

Ik rij terug naar huis en de file is verdwenen. Straf. Pech gehad daarstraks dat ik net op dat moment naar Oostmalle wilde rijden.

Goh, dat zonnetje schijnt nogal, zeg. Dju, ik ben vergeten mijn was buiten te hangen! Waarom  heb ik dat daarstraks niet eerst gedaan? Hij had al droog kunnen zijn! Ah ja, da’s waar, ik moest Robin eerst wegbrengen. En hij zat al op hete kolen.

In rij mijn huis voorbij en rij naar de supermarkt. Snoepjes kopen en wasmiddel, want dat was op. En ook Bonne Nuit kruidenthee, want die is al 2 weken op en ben ik altijd al vergeten mee te brengen. Ik feleciteer mezelf dat ik er nu wel aan denk.

In de auto bedenk ik dat ik de was vandaag zeker moet doen. Ik moet absoluuit strijken. En eigenlijk ook het huis kuisen. Als ik nu straks mijn mannen eens aan het werk zet om boven andere lakens op de bedden te leggen en boven te stofzuigen? Zou dat pakken? Pfff, Robin is pas laat thuis want die moet nog volleyballen. En dan nog huiswerk maken. Wouter is nog te klein om dat alleen te kunnen, en die heeft ook huiswerk. En Mark, tja, die heeft ook al een hele dag moeten werken.

Ik kom thuis en het is al na half 3. Al halverwege de middag! Met mijn handen vol zakken, een handtas en huissleutels stommel ik binnen. Ik zet de zakken op tafel en leg alles op zijn plaats. Ik zie de rijpende tomaten die mijn vader gebracht heeft op het vensterschap liggen, en bedenk me dat ik die dringend in de diepvries moet steken. Anders worden ze slecht.  Ik moet nog soep koken. Want het is woensdag, en dan heb ik een vrije namiddag en dan heb ik tijd om te koken. En de was hangen. Eerst de was hangen!  Ik doe mijn vestje uit en gooi het vlug op de rugleuning van een stoel, want pfff, wat is het warm.

Plots stop ik. Ik roep mezelf tot de orde.

WAT BEN IK EIGENLIJK AAN HET DOEN?

Ik ben mezelf aan het afjagen. Ik probeer honderd en één dingen tegelijk te doen. En terwijl ik met één ding bezig ben, denk ik al aan het volgende. Frustraties tot en met omdat ik zoveel taken in die ene halve vrije (?) dag wil proppen.

Dit moet anders. Dit kan anders.

Ik neem de was uit de machine en wandel rustig naar buiten.  Ik voel de zon op mijn huid. Ik voel de wind op mijn schouders. Ik voel hoe de wind met mijn haren speelt. Ik geniet van de warmte terwijl ik de was ophang. Ik denk aan niks anders behalve aan wat ik aan het doen ben. Heel rustig. Ik hoor in de verte kinderen spelen. Ik hoor de vogels in het bos. Ik zie hoe de zon schaduwen maakt op de garagemuur. Ik zie de t-shirtjes wapperen. Ik lach met mijn favoriete ondergoed dat in hetzelfde model in 3 verschillende kleuren aan de draad hangt. Dat is écht wel mijn favoriet zo te zien.

Zo gaat het ook.

En weet je, het gaat even rap. Je beleeft het alleen anders.

18:42 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (8) | Tags: voer sleutelwoorden in |  Facebook |

23-06-10

De Behandeling + Shock Absorber Run

Vanmiddag kwam ik op dezelfde plek moeder eend tegen met maar één kuiken. Oei, waar is het tweede eendje? Ze stoorde zich totaal niet aan het verkeer en waggelde op haar dooie gemakske de straat langs. Bijgevolg vraag ik me af of het één met het ander te maken heeft. Je moet je kinderen verkeersregels bijbrengen, mama eend!

Om te vermijden dat het hier een echte eendenblog wordt, ga ik het over 2 andere onderwerpen hebben: een nieuw gelezen boek en om in de sfeer van het lopen te blijven: een nieuwe sportbeha. 

de behandeling Mo HayderEerst het boek: ik had ooit al een boek van Mo Hayder gelezen (Vogelman) en herinnerde me dat ik dat in één ruk uitgelezen had. Wreed spannend.  Nu heb ik “De Behandeling” gelezen. Het is een soortement vervolg op “Vogelman” in die zin dat het hoofdpersonage hetzelfde is en deze specifieke verhaallijn gevolgd wordt. Maar er wordt genoeg naar het verleden verwezen om alles te kunnen begrijpen. Je kan dit boek dus als een zelfstandig verhaal beschouwen. Een politieman is op jacht naar een verdwenen jongetje en natuurlijk ook naar de schuldige.

Het verhaal wordt verteld vanuit het oogpunt van de politieman, maar ook vanuit de slachtoffers en vanuit de dader. Deze diverse invalshoeken op hetzelfde verhaal groeien tot een climax naar het einde van het boek, waar alles tesamen komt.
Het is ongemeen spannend geschreven, en ik had vaak moeite om te stoppen met lezen. “Nog een paar bladzijden en dan leg ik hem weg”
J

De schrijfster is een expert in het kiezen van de juiste woorden. Ze kan met een paar rake beschrijvingen een welbepaalde sfeer oproepen. In die mate zelfs dat ik op een gegeven moment van het boek moest wegkijken omdat het me zo naar de keel greep. Ik kon even niet verder lezen. Zo rauw. Direct vroeg ik me af waar ze het hààlt om zulke situaties te schetsen maar op de achterflap had ik gelezen dat ze door haar ervaringen met het meelopen met de politie in real life, geen beroep moest doen op haar fantasie. Dit alles maakt dat het boek me niet direct losliet, en ik er onbewust een paar dagen mee bezig was, zelf moeder zijnde. Lopen er in onze wereld echt zo’n schepsels rond? Ik prijs me gelukkig dat het de ver-van-mijn-bed-show is.

Besluit: als je een goei boek wil meenemen op vakantie…dan kan ik deze zeker aanbevelen.

new-shock-absorber-run-bra2 Om van Brussel op nief pataate te springen zoals wij dat hier zeggen, nu mijn commentaar op de nieuwe Shock Absorber Run, die speciaal gemaakt is voor vrouwen die….tatatataaaa ….lopen! Of kon je dat al van de benaming afleiden? Hij is speciaal ontworpen om de platte-acht-vormige beweging die de borsten tijdens het lopen maken, op te vangen.

Laat ik al beginnen met te zeggen dat hij is goedgekeurd. Ik heb er een uur mee gelopen en had nergens last van schaafwondjes of irritaties. Dat is al een ferm pluspunt. Hij zit lekker en houdt mijn heuveltjes vrij goed in bedwang. Een tweede groot pluspunt. Maar er is ook een maar. In tegenstelling tot zijn voorganger duwt hij het hele zaakje nogal plat. Alle vorm verdwijnt. Maar op zich vind ik dat nog niet zó belangrijk.

Wat ik wel lastiger vind, is dat ik nog geen manier gevonden heb om hem aan te doen zonder hulp. Het zit namelijk Shock Absorber Runzo. Een gewone beha kan ik aantrekken en blindelings op mijn rug vastmaken. Een sportbeha moet bij mij echter zodanig strak zitten, dat ik de haakjes niet op mijn rug kan vastmaken, dat moet ik kunnen zien. Dus doe ik hem achterstevoren om (zonder de bandjes al om mijn schouders te doen), maak de sluiting onder mijn ogen vast, draai hem verder zodat de voorkant aan mijn voorkant zit en de achterkant aan mijn achterkant, en doe dan de bandjes omhoog. Deze nieuwe Shock Absorber heeft echter een verbinding op de rug tussen de 2 schouderbandjes. Dat zit reuzegoed tijdens het lopen en voorkomt dat de bandjes zouden afzakken. Je kan deze verbinding losklikken, wat nodig is om hem aan te trekken op de manier die ik hierboven beschreven heb. Maar dan moet je dat terug vastklikken.

Ik ben jammer genoeg niet zo lenig dat ik dat mijn armen ver genoeg over mijn schouders kan draaien. Dus heb ik een tweede persoon nodig om dat ding vast te klikken. Dat is meestal geen probleem, maar als je alleen thuis bent, tja… Als je deze beha kan aandoen op de gewone manier en je in staat bent om de haakjes blindelings te sluiten op je rug, dan stelt het probleem zich niet, natuurlijk. Maar zoals gezegd lukt mij dat niet.

Er zijn geen gespjes aan de bandjes vastgemaakt om ze losser of vaster te zetten, maar je kan ze wel verstellen door ze in een ander gleufje te steken. Dit is ook een pluspunt omdat de bandjes tijdens het lopen niet losgeschud kunnen worden.

Shock Absorber 2Al bij al dus een plus voor deze sportbeha, maar ik heb toch een voorkeur voor zijn voorganger. Die heeft een voorgevormd silhouet dat hij behoudt als je hem aandoet en die kan ik alleen aandoen.

 Let wel! Er zijn diverse modellen Shock Absorber op de markt. Mijn voorkeur gaat dus uit naar het type Shock Aborber B109D.

14:18 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

29-05-10

Hectisch

We zijn de 49,000 lezers gepasseerd. Af en toe moet er dan wel iets neergepend worden, hé. Wat kan ik zeggen? Nee, ik ga het niet herhalen, ik ga niet zagen.

 

Het vorige weekend stond in het teken van de trouw van mijn zus zaterdag, en helpen op onze eigen jogging op zondag. 2 dagen rondhossen. Te weinig slaap, beetje stress, weinig lopen (écht lopen, bedoel ik dan)…niet goed voor de moraal van bibi.

Mijn zus was een prachtig bruidje met een romatisch strapless kleed met voile roosjes in de sleep, mijn schoonbroer een knappe bruidegom compleet in het zwart gekleed, echt een mooi koppel.

Robin heeft “Les lacs du Connemara” op zijn I-pod staan en is er zot van. Ik had hem destijds uitgelegd wat er soms op trouwfeesten gebeurde als ze dit liedje speelden. Zaterdagavond was het zo ver. Tegen het einde van het diner hadden we even pauze tussen 2 gangen en hoorde ik de eerste tonen van dit nummer. Er begon één iemand met zijn servet te zwaaien. Aan een andere tafel volgde een andere persoon zijn voorbeeld. Wij namen het onze ook en zetten onze arm in beweging. Ons mannen volgden dit alles met grote ogen en een even grote lach op hun gezicht. En hop, hop, hop…iedereen ging rechtstaan en maar zwaaien! De hele zaal was in actie. Echt leuk.

 

Ik had met ons mannen ook al in onze keuken “geoefend” in het dansen. En ze hebben dat zaterdagnacht heel goed gedaan. Zowel op de nummers waarop je kon shaken als de trage liedjes hebben ze gedanst. Ik ben zelfs – keischattig – hoogstpersoonlijk door mijn kleine wijsneus van 9 jaar gevraagd geweest om een slow met hem te dansen. Mijn hart smolt. Zalig gewoonweg!

 

Zondag heb ik geholpen aan de aankomst van onze eigen jogging. Ik herinnerde me de vele muggenbeten van vorig jaar, dus ik had me dit jaar goed ingesmeerd met muggenmelk. Alleen had ik geen rekening gehouden met de zon. Gevolg: er was bijna een korstje gebakken aan mijn linkerkant J. Het was eigenlijk veel te warm om te lopen.

Het is dan ook griezelig hoe je sommige mensen over de finish ziet komen: sommige zwalpend, sommige hebben hun blik op oneindig gericht en die blijven doorgaan, die moet je met je hand tegenhouden of die lopen los in de hekken. Heel raar. Allé, de meesten komen "gewoon moe" over de finish, hoor. Niet dat er zo veel spektakel te zien is :-)

 

En zelf? Zelf nog gelopen? Bitter weinig. En dat terwijl we morgen 20 km soldaat moeten gaan maken in Brussel! Als dat maar goed komt….

Ik heb de weken ervoor wel braafjes lange duurlopen gedaan, hopelijk herinneren mijn spieren zich dat morgen ook en werken ze wat mee.

 

De voorbije dinsdag heb ik nog eens doorgetrokken op de bergskes. En achteraf ben ik gaan terugkijken welke “snelle” tijden ik op dat traject al gepresteerd heb. Dat is het voordeel van een blog, hé. Makkelijk terug te zoeken. In de zomer van 2008 vermeldde ik het volgende:

“De bergskes gingen als vanzelf en ik kon het tempo van Theo zonder problemen volgen. Ik haalde dan ook een recordtijd: 10 min 56 sec. Ik heb het eens vergeleken met de vorige weken: 11:59 / 11:20 / 11:29 / 12:06 / 11:43 / 11:35. Vandaag was het 11 min 01 sec. Dus zeker niet slecht! Ik heb wel op mijn adem moeten trappen om het tempo hoog te houden, maar het is gelukt”

Ik denk niet dat ik in 2010 al eens onder de 12 minuten gelopen heb. Tot vorige dinsdag! Haha! 11 minuten 21 seconden voor 2,06 km. Terwijl Sporttracks in 2008 een kleinere afstand laat zien, elke keer 1,9 km.

Ik wil maar zeggen: ik heb dinsdag niet slecht gelopen J

 

Nu ja, 2 km doortrekken of 20 km doortrekken….dat is maar een nulleke verschil op papier maar in realiteit zijn dat vele zuchten en vloeken en jammerkreten verder.

 

We zullen zien, zei den blinde….

14:01 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

20-08-09

Bijna verzopen!!

beachEr zijn weinig dingen die zo’n deugd kunnen doen als een douchke pakken na een dagje strand. Man, man, man. Het zand zat overal. Werkelijk O-V-E-R-A-L.  Mijn haar was keihard, stak naar alle kanten…ik had direct dienst kunnen doen als vogelverschrikker J

 

’t Was anders een bewogen dagje strand: de heenrit verliep vlekkeloos. Er waren wel wat wolkjes maar daar maakte ik me niet ongerust over. Dan begon het gesleur van de parking naar het strand. Met z’n vieren hebben we 8 handen en die waren allemaal gevuld. Eens we de duinen over waren lag er een enorm groot strand op ons te wachten. Eerst moesten we nog een 200 m in mul zand ploeteren. Dan waren er enkele ondiepe plassen en dan was er opnieuw mul zand, waarna het hardere, natte strand begon. Ik wilde me installeren nog vóór de ondiepe plassen maar daar was de rest niet mee akkoord, dus al pootjebadend liepen we verder naar de 2e strook mul zand.  Eens het tentje was rechtgezet en het grote strandlaken lag, kon het genieten beginnen.

Op een gegeven moment ging ik met ons mannen met de boot wat in het water spelen. Zij zaten of hingen in de boot, ik duwde hem weg en gaf dan een ruk aan het touw dat ik in mijn hand had, zodat zij omvielen of in het water duikelden. Pret tot en met. :-)

 

Op een gegeven moment ging Wouter terug naar het strand en kroop ik bij Robin in het bootje. Een paar minuutjes maar. Ik vond dat we wel erg ver afdreven, dus legde me op mijn buik en probeerde met mijn armen de schoolslag na te doen, in de hoop dat we de goeie richting uitgingen, maar ik had niet het idee dat dat iets opleverde. Ik besloot dan maar de plons in het koude water te wagen en de boot terug naar het strand te trekken. Toen ik uit de boot sprong ging ik pardoes kopje onder en voelde ik geen vaste grond meer onder mijn voeten. Dat was wreed verschieten! Het zoute water prikte in mijn neus, mijn keel, mijn mond. Bah! Maar ik had geen tijd om te zeveren. Dit was serieus dus ik moest actie ondernemen. Ik nam de boot met één arm vast en met de andere arm en mijn benen zwom in richting strand. Ik stond er van te kijken hoe traag ik vooruit kwam, en hoe moe ik werd op zo’n korte tijd. 2 keer probeerde ik of ik al kon staan, maar noppes. Op een gegeven moment draaide ik me op mijn rug en zwom ik zo verder. Dat ging terug beter. En zo bereikten we terug het strand. Met knikkende knieën van de adrenaline vertelde ik het verhaal aan Mark. Inderdaad, in een zwembad of in zee zwemmen is een wereld van verschil. En de zee is en blijft een verraderlijk ding.

 

Na enkele uren begon het redelijk hard te waaien. We moesten de piketten van ons tentje terug vastzetten. Zelfs de boot ging vliegen! Maar het ging nog wel.

De zee was aan het opkomen, en Robin zei altijd maar: kijk hoe dicht de zee gaat komen! Ik stelde hem gerust: van aan het natte strand tot aan het mulle zand was minstens 1 meter klimmen. Zo ver ging de zee heus niet komen.

Later begon het echt wreed hard te waaien. Het was niet leuk meer. We waren hardop aan het nadenken over naar huis gaan, toen op een paar minuutjes tijd de zee heel, héél dicht kwam. Wat ik niet had gezien, was dat er een beetje verder een inham op het strand was, waarlangs het water in de ondiepe plassen stroomde. Plots zag ik ook achter ons het water dichterbij komen. Opkrassen! Snel snel pakten we alles in. Alle mensen rondom ons schoten ook in actie. Ik kon nog net op tijd de zak met onze kleren en gsm’s en portefeuilles op mijn rug gooien toen het water er al was. We liepen terug richting ondiepe plassen, die plots helemaal niet meer ondiep waren. Ik zag volwassen mensen oversteken die tot hun middel in het water stonden! Kinderen moesten zwemmen! Mark en Wouter waren voorop. Zij haastten zich door het water. Maar ik droeg de zak nog altijd op mijn rug. Het is een gewone reistas, waarbij ik mijn armen door de draagbandjes had gestoken zodat ik hem als een rugzak kon dragen. Hij kwam echter nogal laag op mijn rug, dus hij zou zeker nat worden als ik zo zou oversteken. Ik besloot samen met Robin te wachten. Naast ons stonden 2 kindjes waarvan er eentje in paniek aan het huilen was. Hij kon nog niet zwemmen, vertelde zijn zusje. Mama en papa waren aan de overkant de spullen in veiligheid aan het brengen. Ik heb hem wat gerustgesteld en gezegd dat alle mama’s en papa’s terugkwamen om iedereen te helpen oversteken. Wat ook werkelijk zo was. Toen Mark terugkwam, bood een andere man aan om een deel van de bagage te dragen. Mark droeg mijn tas op zijn schouders. Robin moest zwemmen om de overkant te bereiken.  Mensen waren foto’s aan het nemen van het schouwspel. Echt een vies gevoel om overal de ongerustheid te voelen. Toen wij veilig en wel aan de overkant waren, ging ook Mark terug om mensen te helpen met hun bagage. Alle wachtende kinderen waren ondertussen door helpende mensen in veiligheid gebracht. Wel fijn om te merken dat in tijd van –relatieve- nood, iedereen elkaar toch willen helpen.

Het stuk in het mulle zand dat we nog moesten afleggen, werd in stilte afgelegd. Ik wist dat ons mannen zere voeten hadden van het lopen op gebroken schelpjes, maar ze kloegen niet. Onder de indruk van hetgeen net gebeurd was, vermoed ik.

 

Tot zo ver ons dagje strand. Hehe. Moraal van het verhaal: met de natuur, en met de zee in het bijzonder valt niet te spotten. Op de terugweg hoorde ik op de radio het verhaal van het 5-jarige kindje dat vandaag in zee werd teruggevonden. Ik kon me heel goed voorstellen hoe snel dat kon gebeuren. Eén minuutje onoplettendheid en het is gebeurd. Die mensen hun leven is naar de vaantjes. Heel erg.

Wees dus voorzichtig als je kleine (of grotere) kinderen hebt. Zelfs ik als volwassene heb me vandaag laten verrassen. 

 

18:56 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

18-07-08

Holiday!

holiday 

Sinds gisterennamiddag, 15.30 u:

  

 

Hooray! Hooray! It's A Holi-Holiday
what a world of fun for everyone, holi-holiday
Hooray! Hooray! It's A Holi-Holiday
sing a summer song, skip along, holi-holiday

14:34 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |