28-02-11

De meeste dromen....zijn bedrog!

dream.jpgOnlangs las ik de blog van een sympathieke dame, en wilde een reactie plaatsen. Echter, dat wat ik wilde zeggen is zo lang dat ik er beter zelf een blogje van maak.

Het gaat over dromen. Niet over dromen van je toekomst, of over dat wat je heel graag zou willen maar over nachtelijk dromen, dat wat je doet als je slaapt.

 In onze familie is er een historie van slaapwandelaars. En even zoveel verhalen, natuurlijk. Het ene al spectaculairder dan het andere. Ik zal me tot mijn eigen fratsen beperken hieronder.

Een voorbeeld: toen ik nog niet getrouwd was en thuis woonde, heb ik ontelbare keren ’s nachts gedacht dat het morgen was. Ik stond dus op, kleedde me aan, maakte voorbereidingen om te ontbijten,…. Voor ik in de keuken was, passeerde ik diverse klokken: mijn wekkerradio, de klok in de living, mijn polshorloge, de klok aan de muur in de keuken, de klok op de microgolfoven, noem maar op. Aanwijzingen genoeg dus om de frank te laten vallen. Gek genoeg dacht ik iedere keer, maar werkelijk IEDERE KEER, dat iemand mij beet wou nemen en de klokken had verzet. Alle klokken natuurlijk. Op één of andere manier werd ik me toch bewust van het feit dat ik eigenlijk in bed hoorde te liggen en “dat ik weer bezig was”. Ok, lichten uit, terug naar de kamer, kleren uit en proberen om verder te slapen.

fluitketel.jpgIedere keer gebeurde de volgende morgen hetzelfde: ik werd wakker met het besef dat ik ’s nachts weer op pad was geweest. Maar, had ik de fluitketel wel van het vuur gehaald? Had ik het vuur wel uitgedraaid? Want dat behoorde ’s morgens tot mijn standaardtaken: thee maken. Elke keer bekroop me de vrees dat ik het vuur had laten branden, dat de ketel ondertussen wel leeggekookt zou zijn en dat er brand zou zijn ontstaan. Dat, bij uitbreiding, de keuken al wel afgebrand zou zijn. Dus stond ik op en ging met een klein hartje naar de keuken, in de hoop dat die er nog was. Oef! Vuur uitgedraaid, niks aan de hand.

 Die gedachtengang van ’s nachts (in slaaptoestand) en die gedachtengang van ’s morgens (toch al wakker) waren dus elke keer hetzelfde. Zo ontzettend vaak ben ik wakker geworden met de gedachte dat ik het halve huis had laten afbranden. 

Toen ik mijn rijbewijs al had, had mijn vader een keer dubbele shift moeten werken. Hij had echter aan moemoe beloofd dat hij haar de volgende dag zou wegbrengen naar het centrum van het dorp, want moemoe ging op bedevaart naar Leuven met de bus. Dat deed ze elk voorjaar. Ik liet mijn goed hart spreken en had gezegd dat hij maar wat langer moest slapen en dat ik moemoe wel zou wegbrengen. Ik ging dus slapen met de gedachte dat ik zeker niet mocht overslapen, want moemoe rekende op mij.

’s Nachts was het weer van dat: ik stond op, in de volle overtuiging dat het tijd was om te vertrekken. Door het raam van de hal zag ik dat het nog pikkedonker was buiten, maar hey, niet lang geleden was het uur verzet dus dat was de reden. Ik passeerde de klok in de living en zag dat het 3u10 was. Ik vroeg me af wie me nu weer voor de zot aan het houden was. Idem dito voor de klok in de keuken. Er was geen tijd voor ontbijt, dus ik nam de autosleutels en ging naar buiten. Ik zat in de auto en ook daar was het 3u10. Ik vond het toch wel verdacht dat alle klokken hetzelfde uur aanwezen. Zelfs die in de auto. En toen, pas toen, viel mijn frank “dat ik weer bezig was”. Nog net op tijd, ik was nog niet vertrokken…

claustrofobia.jpgEen ander voorbeeld:  Ik heb nogal snel last van claustrofobie. Altijd al gehad. Op mijn 18e was ik met mijn toenmalig vriendje gaan kamperen in Zuid-Frankrijk. We sliepen in een tent. Op vakantie zelf heb ik weinig tot geen problemen gehad, maar eens ik thuis was….man, man. De volgende weken heb ik heel vaak midden in de nacht recht in mijn bed gestaan met mijn handen in de lucht en was ik “het tentzeil naar boven aan het duwen omdat ik geen lucht kreeg.”

 Hoe vaak heb ik niet aan het raam van mijn slaapkamer gestaan, op zoek naar de deur. En maar zoeken, en tasten,  en niks vinden, tot huilens toe. 

Niet verwonderlijk dat ik heel vaak ’s morgens hondsmoe wakker werd, met het gevoel alsof ik een hele nacht had liggen vechten, ipv slapen. 

Eigenlijk is mijn slaap en vooral het dromen een goede graadmeter. Dat mag ik wel besluiten na 40 jaar. Als ik merk dat ik een paar nachten achter elkaar heel levendige dromen heb, dan is dat meestal een teken dat er iets wringt in 't koppeke.  

Oh ja, en moemoe? Die heb ik ’s morgens mooi op tijd aan de bus afgezet.Stoer

21:02 Gepost door Sandy in Zever | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

25-02-11

Ode aan de liefde

Ok, ok, Valentijn is al voorbij, maar elk moment is goed om dit liedje nog eens onder de aandacht te brengen.

Een ode van Henk Westbroek aan zijn Julia.

Prachtig.



23:05 Gepost door Sandy in Muziek | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

24-02-11

Verraad

facial-expressions.jpgMoet ge nu eens wat weten? Naar het schijnt spreekt mijn gezicht boekdelen.

 Ze hebben het mij al vaak gezegd, al zo vaak dat ik het ondertussen echt wel weet, maar vanmiddag stond ik toch weer even met mijn mond vol tanden.

Ik zat helemaal vanboven in de sauna. Eerst was er de gewone aangename vochtige warmte. De gloeiende stenen protesteerden sissend toen ze werden natgegoten. Na 2 seconden voelde ik de hitte al golvend mijn richting uitkomen. Omdat ik helemaal vanboven zat en redelijk dicht bij de warmtebron, was ik de eerste die het effect voelde. De warmte beet in mijn gezicht.

De man die de opgietsessie leidde, stond met zijn handdoek klaar. Ofwel gaat hij centraal staan en zwaait met de handdoek boven zijn hoofd zodat de hitte gelijkmatig in de ruimte verdeeld wordt, ofwel krijgt elke aanwezige een zwaai vlak voor het gezicht zodat er stoot warme lucht jouw richting uitkomt.

Aangezien ik zo dicht bij de stenen zat, was ik één van de eerste die aan de beurt kwam. Ik zat al klaar met mijn ogen dicht, maar er kwam niets. Ik keek en zag hem terugkijken met een vragende blik in zijn ogen.

“Alles ok hoor, “ zei ik, ‘’t is warm maar ik kan daar best tegen”.

“Aan je gezicht te zien is het anders toch warm genoeg.”

Kijk, dat collega’s of vrienden dat tegen mij zeggen, dat snap ik best. Ze kennen mij al goed genoeg en kunnen elke uitdrukking interpreteren. Maar dat een wildvreemde dat zo kan aflezen…brrr, dat wil toch zeggen dat ik echt wel een open boek ben.

Langs de ene kant vind ik dat prima. Je weet direct wat ik er van denk. Geen verkeerde interpretatie mogelijk. Schamen

Langs de andere kant is het toch wel handig als je af en toe iets kan verstoppen. Soms moet je al eens vriendelijk zijn tegen iemand terwijl je hem of haar het liefst in de hoogte boom wil parkeren. Of soms wil je gewoon niet dat iemand anders weet wat je echt denkt. Mijn gedachten moeten mijn gedachten blijven, tenzij ik ze bewust wil delen.

Ik kan dat blijkbaar niet. Zelfs als ik het wil, verraad ik mezelf nog. Zelfs in de sauna en zelfs als het gaat om zoiets onnozels als een handdoekzwaai.

Ach.

Overigens, héérlijk genoten van een hele dag niks anders doen dat zweten, afkoelen, drinken, eten, rusten en babbelen. Vooral babbelen. Véél babbelen.Lachen

22:13 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

17-02-11

66666

The number of the beast is in aantocht!!!!

arrow-blue-rounded-left.jpg

14:59 Gepost door Sandy in Zever | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

16-02-11

Times are a-changing

The line it is drawn
The curse it is cast
The slow one now
Will later be fast
As the present now
Will later be past
The order is
Rapidly fadin'.
And the first one now
Will later be last
For the times they are a-changin'.

 

De laatste strofe van dit liedje van Bob Dylan vat het zo wel een beetje samen. Ik schreef er eerder over: alles verandert. Ik hoor U al grinniken bij de woorden “the slow one now will later be fast”.  Sta me toe dat ik vooral de figuurlijke betekenis van deze woorden apprecieer. Soms duurt het inderdaad lang eer ik iets wil begrijpen, maar wees gerust, het komt wel.

Alle gekheid op een stokje. Er is inderdaad verandering op til, ik ga namelijk fietsen. Echt fietsen. De wielerterroriste uithangen. Niet omdat ik het lopen beu ben, zeer zeker niet. Dat wil ik ook blijven doen want dat doe ik veel te graag. Maar hoe en wanneer zal de tijd wel uitwijzen.

Ik mag de koersfiets van mijn schoonvader zaliger gebruiken. Die was even groot als ik, dus dat komt perfect uit. Zo hoef ik er niet meteen enkele duizenden euro’s tegenaan te smijten en krijg ik toch de kans om goed geëquipeerd mijn debuut te maken. Een helm kan ik van Mark gebruiken, en fietskleding was ik bij de Decathlon gaan kopen. Bovendien heb ik een man die een fiets helemaal uiteen kan halen en ineen kan steken en niet voor het minste naar de fietsenmaker moet hollen. Nen handige man….’t is een gerief in huis!

Ik ben al 2 keer op verkenning geweest. Man, man, man. Als je denkt dat fietsen op een koersfiets hetzelfde is als fietsen op een damesfiets, alleen met een beetje plattere rug, denk dan maar vlug iets anders. 

Dit mailde ik vorige week woensdagavond aan mijn vrienden:

"De kromme houding gaat nog, zelfs mijn nek protesteerde nooit echt. Maar dat stuur!!! Ik had (heb) echt last om een goei manier te vinden om dat stuur vast te pakken.

Ik had het gevoel dat ik terug moest leren fietsen. Sturen, remmen, op het verkeer letten en praten tegelijkertijd….dat ging gewoon niet! Eén ding tegelijk was al moeilijk genoeg. Mark legde me uitvoerig uit waarom je je stuur zeker nooit zo of zo moest vastpakken (natuurlijk de greep die ik spontaan had aangenomen). Op welke zaken je moest letten enz.

Besluit: ik kan nog altijd niet fietsen en achterom kijken tegelijkertijd. Ik kan niet recht op de trappers gaan staan want dan kukel ik over het stuur, of heb tenminste toch dat gevoel. Remmen vind ik zeer moeilijk, gewoon omwille van de plaats waar ze die remmen op een koersfiets hebben gezet. Schakelen heb ik een paar keer gedaan maar de theorie van het voorblad en het achterblad moet ik zeker nog eens te horen krijgen :-). Het meeste last had ik van mijn ellebogen, toen we hier thuiskwamen kreeg ik mijn armen amper gebogen. Stoppen om over te steken, vertrekken en je hand opsteken naar de autochauffeur die wilde stoppen is bijna niet te combineren :-). Met andere woorden: de fiets had vandaag controle over mij ipv ik over de fiets."

We hadden toen 37,5 km gefietst. Ik voelde dat ik een snelheid van 22 km/u makkelijk aankon. Dat trapte vlotjes weg zonder echt moeite te moeten doen. Vergelijk het met een trage duurloop.

Donderdag sprong ik op het werk nietsvermoedend op een fiets maar ik had er even geen rekening mee gehouden dat ik de dag ervoor de eerste keer op een koersfiets had gezeten. Mijn gat! Ook bij de spinning ’s avonds heb ik in het begin fameus op mijn tanden moeten bijten telkens we moesten gaan zitten.

Zondagnamiddag ben ik met Robin opnieuw gaan fietsen, een toerke van 35 km. De eerste kilometers aan 22 km/u maar eens we warmgedraaid waren reden we 25 km/u. En dat ging me goed af. Er waren zelfs stukken dat ik 27 à 28 km/u kon halen voor een kilometer of 3. Niet slecht voor een beginnerke, vond ik en zeker niet voor Robin die me probleemloos volgde.

Ik heb de greep op het stuur al een beetje beter onder controle. Ik kan al op het verkeer letten, remmen en praten tegelijkertijd. Met andere woorden: we maken vorderingen :-). Aan klikpedalekes waag ik me nog niet. Ik ga het lot niet uitdagen, hé. Nog niet. Dat komt wel binnenkort.

Ik heb me ook ingeschreven voor de Start-To-Bike die binnenkort bij ons in het dorp georganiseerd wordt. Van 0 tot 100 km op 10 weken tijd. Afhankelijk van het niveau van de deelnemers worden er groepen gemaakt, want er zullen vast wel mensen zijn die met een conditie van onder het vriespunt beginnen, net zoals ik destijds met lopen begonnen ben. Ik mag wel zeggen dat ik toch al een beetje conditie heb, dus echt van nul moet ik niet beginnen. Maar er is nog wel veel werk aan de winkel: in groep leren rijden, weten hoe je een bocht pakt zonder snelheid te verliezen, wanneer je moet schakelen, ….

Er is maar één probleem waarvoor ik nog een oplossing moet zien te vinden: het snot. Als ik de toer van vorige keer nog eens wil rijden, moet ik gewoon mijn spoor van snot volgen. Ik zweer het: elke kilometer zit mijn neus vol. Ik heb dus al 37 km + 35 km = 72 keer als een volleerde wielertoerist mijn neus geleegd. Harfsen, om het met een mooi woord te zeggen. Allé kom, “als een volleerde wielertoersit” is lichtjes overdreven als ik zie hoe mijn rechtermouw, de rechterpijp van mijn broek en mijn handschoenen er na de rit uitzagen. Zoveel verdwaald snot zal een doorgewinterde fietser vast niet mee naar huis brengen.

Ik had al vaker gemerkt tijdens het lopen dat er zich precies poeltjes in mijn neus bevinden. Zo lang ik mijn hoofd gewoon recht hou, is er geen probleem. Het water blijft dan in die poeltjes staan. Maar als ik even vooroverbuig om te zien dat ik niet in een putje trap, of om mijn zakdoekje te pakken, dan lopen die poeltjes over en loopt het water zo uit mijn neus. Bij het fietsen kan dat water niet blijven staan en loopt mijn neus dus direct vol. Mijn neus produceert snot aan de lopende band. Komt dat door de kou? Of door de wind?

In elk geval heb ik de smaak te pakken en kijk ik uit naar de volgende training!

Oh ja, als je eens in de auto achter een groep wielertoeristen hangt die precies niet opzij willen gaan: dat is geen arrogantie. Die horen je gewoon niet. Ik heb het zelf gemerkt. Niet dat ik de snelheid van een winkliever haalde, maar ik hoorde echt geen auto aankomen. Dus je mag gerust tuten als je achter een groep fietsers hangt.

Eergisteren mochten de partners meekomen naar de fitness in het kader van een Valentijnsactie. Mark is dus mee gaan spinnen. Er waren meerdere koppels, en de muziek was aangepast aan het gebeuren. Jolien is een keileuke instructrice en weet er altijd een feestje van te maken. Op een gegeven moment moesten we weer zingen (ja, spinnen is echt corvee!). Met de hele zaal brulden we “Dromen zijn bedrog” van Marco Borsato mee. Van de eerste tot de laatste letter. En als ik zeg brullen, dan bedoel ik brùllen. Ter controle draaide ze de volumeknop regelmatig uit. Gieren. (en hijgen!)

En morgen ga ik een marathon doen. De tweede marathon in mijn leven. In 1996 heb ik al eens een marathon geskate, en morgen ga ik een marathon spinnen. 3 uur aan een stuk. Wow.

Ik vermoed dat er in het weekend een hersteltrainingeske op het programma zal staan.

20:23 Gepost door Sandy in Fietsen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

06-02-11

Moeten

Ik móet nog zóveel doen, zei Jos,

ik móet nog zóveel regelen,

ik móet nog naar Den Bosch

en ik móet nog gauw naar Tegelen.

Ik móet naar dit en ik móet naar dat,

ik móet naar wie…ik móet naar wat…

ik móet naar alle kanten.   

 

Met al dat ‘moeten’ heeft hij mooi

zijn beste tijd bedorven,

ik hoorde gister in het Gooi

dat hij ‘moet’ zijn gestorven.

 

(Toon Hermans)

 

 
Een weekend dient toch om uit te rusten, hé? Dat zijn 2 dagen waarin je het kalmer aan mag doen en er niet echt iets moet. Ja, dag Jan!

 Vrijdagavond was inderdaad rustig. Ik MOEST alleen Wouter gaan halen op een feestje rond 20u. Zaterdagmorgen heb ik lekker lang geslapen, kreeg ik daarna een babbelbezoekje van mijn broer en MOEST ik naar de begrafenis. ’s Namiddags was er niets bijzonders gepland, maar als ik de komende week groenten en fruit wilde eten, MOEST ik wel even naar de winkel gaan. ’s Avonds hadden we een sauna gepland en dus MOEST ik de babysit vlug gaan ophalen na het eten. Zondagmorgen had Robin een volleybalmatch in Mortsel en MOESTEN wij om 8u40 aan de zaal verzamelen. Bovendien was het mijn beurt om te rijden dus MOEST ik chauffeur van dienst zijn. Na de middag MOEST ik van mezelf gaan lopen, omdat ik daar veel zin in had. En vanavond ben ik met Robin naar de volleybalmatch van Heren1 gaan kijken. Niet dat dat MOEST, maar dat wilden we beide wel graag.

 Ik wil maar zeggen: ik heb niet veel kans gekregen om mezelf te vervelen of om mezelf af te vragen wat ik nu eens zou gaan doen. Efkes rusten, bijvoorbeeld :-) Ach, de meeste dingen die ik MOEST doen, deed ik graag. Maar ik heb nu wel het idee dat het weekend al voorbij is voor het echt kon beginnen. Een knip met de vingers en hopsakee, we zijn 48 uur verder.

 Ik heb trouwens wel gerust: in de sauna. Héérlijk vind ik dat. Die tegenstelling van warmte en koude, daar wordt een mens zo ontspannen van. Zo lekker moe zonder dat je er iets voor moet doen. Lui zweet is rap gereed, zeggen wij dan.

 Tijdens één van de opgietsessies was ik –tegen mijn gewoontes in- een bankje lager gezakt omdat het me wat te heftig werd. Toen ik al dampend en zuchtend buiten kwam, voelde ik mijn hart hevig tekeer gaan. Tegelijkertijd voelde ik me zo slap als een vod worden, alsof alle energie weggestroomd was. En mijn hart maar bonken. Een beetje teveel van het goede, denk ik. Ik zette me op een bankje en liet de zotte wind zijn werk doen. Beetje afkoelen. Maar ook dat afkoelen ging niet helemaal goed want het duizelde in mijn hoofd. En dus legde ik mezelf even terug in de sauna om wat bij mijn positieven te komen.

 Het gevoel waarmee je dan ’s avonds in bed gaat liggen, dat is onbeschrijfelijk. Zo heerlijk loom en ontspannen. Zo rustig. De lakens voelden lekker koel aan op mijn warme lijf, ik vleidde mijn hoofd op het kussen en ik heb geen 10 seconden meer wakker gelegen. Ogen dicht en in no time compleet van de wereld. Zálig.

21:57 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

05-02-11

Een vloedgolf

Een begrafenis. Hier zit ik weer in de kerk. Het is nog maar een 2 maanden geleden dat ik hier ook moest zijn voor een begrafenis, en vandaag is het weer zo ver.

Ik zit op een stoel ergens in de achterste rijen. Voor mij, naast mij en achter mij geraakt elke stoel gevuld. Ik hoor geschuifel van mensen die een plekje zoeken. Hier en daar wordt er gehoest, een neus gesnoten. Ik voel de wind langs mijn haren strijken, telkens de deur opengaat. Op de achtergrond speelt muziek uit de jaren 60. “Apache” van The Shadows, als ik me niet vergis. Waarschijnlijk de favoriete muziek van de overledene. We zitten in stilte, wachtend tot de dienst gaat beginnen.

In tegenstelling tot de gebruikelijke christelijke gebeden en nietzeggende woorden van de pastoor, is deze dienst een aaneenschakeling van mensen die een stukje komen voorlezen. Kinderen, petekindjes, familie…ieder komt een stukje vertellen van hun geschiedenis met deze man. 

Ik bewonder die kinderen dat ze überhaupt in staat zijn om iets te komen voorlezen. Als voorbereiding kan je de mooiste teksten schrijven waar je lang aan kan zwoegen en wijzigen, hier nog iets verbeteren, daar een beter woord plaatsen. Maar om het op het moment van afscheid gelezen te kunnen krijgen, dat is een ander paar mouwen.

Deze mensen kunnen dat echter. In de kerk is het muisstil. Je kan een speld horen vallen. De meeste mensen zitten met gebogen hoofd, ik ook. In gedachten gaan we mee met de woorden die we horen. Hoe sommige momenten in ons leven er met kop en schouders bovenuit steken, of hoe kleine futuliteiten toch zijn blijven hangen omdat het zo grappig was, of omdat we er later nog vaak over verteld hebben. Maar ook hoe sommige onverwacht openhartige gesprekken deugd hebben gedaan, hoe blij we zijn dat we bepaalde woorden hebben uitgesproken. Dat we onze schroom opzij hebben gezet omdat we niet gewend zijn om tegenover een naast familielid te zeggen dat we hem/haar echt wel graag zien.

 

Iedereen luistert mee, iedereen voelt mee. Ramses Shaffy en Liesbeth List passeren met hun Pastorale. Ik prijs mezelf dat ik het droog kan houden. Wat voel ik me sterk.

De man blijkt een boekje met hersenspinsels en gedichtjes achtergelaten te hebben. Niemand wist daarvan, ook zijn familie niet. Uit dit boek worden eigengemaakte verzen voorgelezen. Zo eerlijk, zo echt.

En dan komt weer muziek. Al bij de eerste noten denk ik: “Nee, niet dit nummer”.  Vraag me niet waarom, maar dit nummer is gewoon niet het goede nummer om mijn muur opgetrokken te houden. Diep ademhalen helpt niet, knipperen met de ogen evenmin. Zelfs aan iets vrolijk denken, haalt niets uit. Op 3 seconden tijd lopen mijn ogen over en krast elke zin in mijn ziel.  Een willekeurige pijn die ik niet kan thuisbrengen woedt in mijn hart en houdt lelijk huis. Ik laat de tranen maar komen en vang ze zelfs niet op. Laat het maar druppen, denk ik. Gelukkig weet ik te kalmeren eens het liedje ten einde is. Tot zo ver het sterke gevoel.

Overal hoor ik gesnuf en gesnuit. Ik zie handen naar de neus en de ogen gaan. Er zijn meerdere mensen die hetzelfde voelen als ik.

Weer komt een zoon zijn tekst voorlezen. Herinneringen van vroeger, de eerste capriolen, de dreigementen na een bandietenstreek maar ook de troostende woorden eens de eerste woede was afgekoeld. De jongen leest voor, soms met een halve lach, maar ook een paar keer met verstikte stem, of met een snik. Als hij zegt hoe hij zijn bouw verder alleen moet zetten, hoe de vader hem niet meer kan helpen, hoe hij belooft om “hun” gezamenlijke werk tot een goed einde te brengen.

1,5 uur stil zitten op een stoel, luisteren naar mooie woorden, luisteren naar oprecht verdriet dat recht uit het hart komt, muziek die perfect weerspiegelt wat ik voel, .... het kruipt niet in mijn koude kleren. Vandaag is het de ver-van-mijn-bed-show, maar morgen kan het hier gebeuren. Elke dag is er wel ergens immens verdriet.

Ik fiets naar huis met het vaste voornemen om de mensen die ik graag zie nog eens goed vast te pakken en hen te zeggen dat ik hen graag zie. Ze weten dat misschien wel, maar het nog eens zeggen terwijl ik hen in de ogen kijk, kan geen kwaad. Integendeel.

16:12 Gepost door Sandy | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

30-01-11

De Forerunner 305

 overzicht sporturen.png

 

’t Zijn geen gewichtsschommelingen die je in bovenstaand grafiekje ziet, hoewel dat best had gekund, want ik ben een fameuse jojoër.

Neenee, wat je ziet is een overzicht van het aantal uren sport per maand, sinds ik eind 2007 Sporttracks ben beginnen te gebruiken. Deze maand heb ik net geen record gebroken: ik kom 4 minuten tekort tov maart 2010 Lachen. Maar toch ben ik wreed content dat er opnieuw een goede regelmaat zit in mijn sportactiviteiten. Bovendien zal het aantal sporturen de komende tijd enkel maar toenemen, maar daar vertel ik later wel eens meer over. Qua gelopen kilometers kom ik deze maand slechts aan 114 km, maar toch is dat beter dan de voorbije maanden.

Vandaag heb ik een toerke van 18 km gelopen. ’t Was wreed koud maar daar kan je je tegen kleden. Ik had nog eens een toerke in Sporttracks uitgetekend en dat naar de Forerunner gestuurd, en op die manier op GPS gelopen. Toch een geweldig ding, die Forerunner.

garmin-forerunner-305.jpgIk ben het net eens gaan nakijken: ik heb hem sinds januari 2007, dus 4 jaar. In deze 4 jaar heb ik hem bij quasi elke training en wedstrijd gebruikt. Enkel als ik hem vergeten was of als hij een platte batterij had, maakte dat hij mijn sportieve uitspattingen niet kon registreren.

In heb begin gebruikte ik hem vooral voor de registratie. Kunnen zien hoe hard je aan het lopen bent en welke afstand je al had gedaan, dat was een fantastische vooruitgang! En later alle gegevens in grafiekjes en tabelletje terugzien, we voelden ons een echte prof Stoer.  Gaandeweg leerde ik om intervaltrainingen via Training Center te programmeren, of minder uitgebreide trainingen konden zelfs op de Forerunner zelf geprogrammeerd worden. En sinds vorig jaar leerde ik dankzij de hulp van mijn ventje en Jess om een route te programmeren en deze tijdens het lopen af te lezen, net als een echte GPS.

 Ik heb hem destijds nog 340 € betaald, en dat was een koopje want de gangbare winkelprijs was toen 475 €. Nu is hij voor een goei 130 € te krijgen.

Hout vasthouden, maar eigenlijk heeft hij nog maar zelden dienst geweigerd. Het is al eens een paar keer voorgevallen dat hij geen teken van leven meer gaf, maar op de blog van Running Ronald heb ik een keer volgend lijstje gekopieerd. Iets om bij te houden, zeer handig in tijden van nood:

 

FR305 Shortcuts : 

  • Mode + Lap = soft reset: geheugen en instellingen blijven gehandhaafd.
  • Mode + Power = hard reset: (vraagt om bevestiging) geheugen en instellingen worden gewist.
  • Mode + Enter + Power = hard reset: (zonder bevestiging) geheugen en instellingen worden gewist.
  • Pijltje omhoog + Power = Nieuwe software upload; ingeval de FR helemaal dood is. Zet de FR in de cradle en verbind ‘m met de PC; start update-programma op de PC en druk dan deze toetscombinatie in.
  • Pijltje omlaag + Power = Opstarten zonder te proberen satellieten van de vorige keer te vinden.
  • Enter + Power = Service Menu. Kom je alleen weer uit met een hard reset ( PAS OP Doe dit alleen als je weet wat je doet; je kan de FR hiermee flink om zeep helpen)

Volgens Sporttracks zou mijn toerke 18 km lang zijn. Toen ik op de oprit kwam gelopen, gaf hij mij een uitgebreid muziekje met de melding dat de training er op zat. Kon niet nauwkeuriger zijn.

18:51 Gepost door Sandy in Training | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

26-01-11

XCO

xco.jpgIk weet uit ervaring dat ik voorzichtig moet zijn met het introduceren van nieuwe loopschoenen. Ik weet dat. Ik weet dat ik met een klein aantal kilometers moet beginnen, anders wacht mij één of andere blessure. Maar het liep zondag zo goed, dat ik 14 km met mijn nieuwe vriendjes heb gelopen. Stom, stom, stom. Maandag had ik pijn aan de buitenkant van mijn schenen. Allé, pijn is een groot woord, maar het was toch gevoelig. Dat komt er van als je denkt het beter te weten. Eigen schuld, dikke bult.

Dus lieten we het verstand toch maar spreken, en besloot ik om dinsdag niet te gaan lopen. In de plaats daarvan zou ik gaan spinnen. Zo gezegd, zo gedaan. Iets voor half acht stond ik paraat, samen met één van mijn zussen. Toen we op weg waren naar de zaal en ik daar veel vrouwen maar geen enkele spinningfiets zag, bekroop mij de twijfel. ’t Was toch wel om half acht spinnen? Of om half negen? Even gaan navragen en wat denk je? Om half negen, natuurlijk! Dat komt er van als je het uurrooster niet grondig nakijkt. Stom, stom, stom.  Alweer.

De brave man achter de toog raadde ons aan om gewoon mee te doen met de ‘sport’-sessie die om half acht werd gegeven. We overwogen even: nog een uur wachten of toch maar meedoen? Iets nieuws proberen? We besloten onze kans te wagen en gewoon mee te doen. 

De sessie die gegeven werd heette “XCO”. Je hebt daarvoor een soort koker nodig, die gevuld is met wat zand. Het ding is zo’n 30 cm lang en je kan uit verschillende diktes kiezen. Het is de bedoeling dat je dat ding in je armen houdt en heen en weer schudt. Niet zomaar wat zwaaien, neenee, je moet er strakke welomlijnde bewegingen mee uitvoeren. En dat alles op het ritme van muziek.. De instructeur was een bevallige jongeman wiens spierencorset veel XCO-sessies deed vermoeden. Tot zo ver nog geen probleem. De aanwezigen waren allemaal vrouwen, wat bij mij al een zeker vermoeden deed rijzen, maar kom, ik heb al geleerd dat het soms beter is af te wachten ipv altijd een oordeel klaar te hebben. 

We begonnen er aan. Hoog tijd, vond ik, want ik had het ferm koud. Eerst een opwarming. Benen lichtjes uiteen en wat gebogen, heupen stil en schudden maar. Van links naar rechts en van rechts naar links. Soms traag, soms snel. Soms met een pauze, soms zonder pauze. Soms 2 keer snel en 1 keer pauze. Soms links pauze houden, soms rechts pauze houden. Dan moesten we diagonaal gaan schudden, van links boven naar rechts onder. Tot overmaat van ramp werd van ons verwacht dat je er nog huppelpasjes ging bijdoen. Op het ritme van de muziek wel te verstaan. Linkerarm omhoog wil zeggen rechterbeen omhoog, en vice versa. Dit ging mijn motorisch vermogen te boven. Er schortte blijkbaar iets aan mijn arm-been-coördinatie, om het zachtjes uit te drukken. Meerdere keren lag ik plat van het lachen omdat noch ik, noch mijn zus konden volgen.

Na 5 minuten wist ik het al: dit is niks voor mij. Als ik sport, wil ik me moe maken. Ik wil zweten, ik wil het gevoel hebben dat mijn lichaam moet werken. Ik wil niet moeten nadenken welk huppelpasje ik moet maken, of ik mag doorgaan of pauze moet houden. Ik wil kunnen stoempen of stampen – lees: kunnen fietsen of lopen. Verstand op nul en afzien.

Na elke 10 minuten stopten we even om “te bekomen”. Ik hoorde de vrouwen rondom mij zuchten en zag hen gretig drinken. Ik snapte er niks van. Ik zweette nog geeneens. Ik had het niet meer koud, maar daar was ook alles mee gezegd. 

Op een gegeven moment lachte ik naar mijn zus, alsof ik me aan het amuseren was. Maar zoals gewoonlijk moet mijn gezicht echt boekdelen gesproken hebben, want ze zei me vlakaf: “als je kon, was je nu weg, hé?” Helemaal goed geraden. Nogmaals het bewijs dat ik echt geen komedie kan spelen. Maar dat wist ik al langer, haha.

En wat hebben we nu geleerd, na al dat motorisch geklungel, na de duidelijke manke arm-been-coördinatie, na die buikspieroefeningen met zwaaiende heupen en benen, met andere woorden, na de eerste XCO-sessie? 

DAT DE SPINNING OM HALF NEGEN BEGINT!!!!

19:28 Gepost door Sandy in Training | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

22-01-11

Mijn nieuwe vriendjes....

....zijn gearriveerd:

Asics Gel Nimbus 12.jpg

Zondag besteld en vrijdag in huis. Perfecte en snelle service bij Sport-Redler. En alweer een kleine 50 € goedkoper. Morgen gaan we voor de eerste keer samen op stap om elkaar wat beter te leren kennen. Als dat geen leuke vooruitzichten zijn! Ik ben er zeker van dat we, net als hun voorgangers, heel goede maatjes zullen worden.

 

22:11 Gepost door Sandy in Schoenen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-01-11

Don't stop believing

Mijn voeten zaten stevig vastgeklemd in de houdertjes, handdoek op het stuur, een beetje weerstand bijgedraaid. Klaar voor een uurtje spinnen. 

Uit de boxen kwam muziek uit een ver verleden. Terwijl ik mijn benen in gang draaide, hoorde ik het begin van het nummer en vanbinnen in mijn buik roerde iets. Iets herkenbaar maar ik wist niet wat. Werkelijk eeuwen geleden dat ik het nog gehoord had, maar toch o zo vertrouwd. Als vanzelf kon ik de woorden meezingen. Van waar kwamen die woorden? Ik begreep er niks van. Ze rolden eruit zonder dat ik er vat op had. Die stem…zo scherp. Zo zuiver. Zo mooi. Herinneringen uit mijn jeugd.

Ik kon er niks aan doen, maar ik zat te glimlachen op mijn fiets. Gewoonweg heerlijk om die muziek terug te horen. En helemaal om mee te kunnen zingen zonder dat ik kon bedenken wie of wat dit was. Zo wonderlijk. Weten wanneer de gitaarsolo kwam, en ik zweer het, had ik niet in een zaal gezeten met medespinners, dan had ik mee luchtgitaar gespeeld, mijn hoofd achterover gegooid in mijn nek, mijn gezicht vertrokken in een pijnlijke grimas omdat de noten er perfect moesten uitkomen. Stoer

Don’t stop believing. Ach ja, van Journey.

Ik herinner me mijn allereerste zelfgekochte LP. Een dubbelLP met een zwarte hoes en iets met “Rock” in de titel. Dit nummer was volgens mij het 2e liedje op de derde LP. Ik zie het zo voor mij. Ik had lang gespaard om een LP te kunnen kopen, en dan ineens een dubbelLP… dat was pure magie. Zoveel platen en bands om te leren kennen. Muziek die nog vertrouwd moest geraken. Teksten die ontcijferd en onthouden moesten worden. Ah ja, het was een verzamelLP en dan had je altijd de pech dat er geen teksten meegeleverd werden, dus moest je zelf aan de slag. Internet bestond immers nog niet. Ik heb die LP gekoesterd tot en met. Terwijl de naald over de plaat ging en de muziek weerklonk, bestuurde ik de foto’s van de groepen, zocht ik naar namen van schrijvers of zangers, en las ik de informatie op de binnenkant van de hoes opnieuw en opnieuw en opnieuw.

Ik denk dat het geleden is van de laatste keer dat ik de LP gedraaid heb, dat ik “Don’t stop believing” heb gehoord. Wat wil zeggen dat het toch minstens 20 jaar geleden moet zijn. Minstens. Echt, het is een heel raar gevoel om te merken dat er woorden in je hoofd opkomen, zonder dat je weet vanwaar die komen. Heel grappig. 

Ik heb dat ook vaak als ik een woord in het Duits of Frans of Engels zoek. Dan komt er iets in mij op waarvan ik denk “Hè? Waar haal ik dat?” Iets waarvan ik helemaal niet zeker ben dat het juist is omdat het me niet bekend klinkt. En dan ga ik het opzoeken, en 9 van de 10 keer is het toch juist. Straf, hé. Toch teken dat het drillen van de woordenschat destijds letterlijk zijn sporen heeft nagelaten in mijn hersens. 

Allé kom, for old times’ sake post ik het liedje hier nog eens, zodat jullie kunnen meegenieten en – indien het jullie even bekend in de oren klinkt als bij mij het geval was -  kunnen beseffen dat jullie echt wel oud aan het worden zijn.Tong uitsteken


19:17 Gepost door Sandy in Muziek | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

27-12-10

2011

Het einde van het jaar nadert en dan lees je bij de meeste blogs een verslagje van het afgelopen jaar en de toekomstplannen voor het volgende jaar.

Om mijn lezertjes niet te vervelen heb ik een paar zaken in een tabelletje gegoten. Dan kan je dit snel overslaan als deze cijfertjes je niet zo interesseren.

 

km

AVG HR

# trainingen

 # uur

2008

  1.544  

150

166

185

2009

  1.509  

144

165

182

2010

  1.330  

145

134

169

Over de plannen in 2011 kan ik heel kort zijn: ik ga me amuseren! Dat is het enige doel dat ik me stel voor het komende jaar. Ik denk niet dat ik een nieuw PR op één of andere afstand ga behalen, omdat de motivatie me ontbreekt om alles op alles te zetten om dit doel te bereiken. Ik vind het gewoon zo belangrijk niet meer om beter te worden. Qua snelheid, bedoel ik dan. Ik wil nog wel beter worden wat tevredenheidsfactor betreft. Maar dit is uitsluitende gerelateerd aan hoe ik een training of wedstrijd zelf ervaar. Heel subjectief dus. Niet meer te meten aan de hand van objectieve factoren als tijd of snelheid.

Vroeger zou ik mezelf de vraag gesteld hebben wat er aan de hand was, omdat die gedrevenheid om sneller te worden die ik ooit voelde, blijkbaar verdwenen is. Ondertussen weet ik dat het daar allemaal niet om draait voor mij. Er zijn zaken die veel, véél belangrijker zijn in mijn leven.

Wat wedstrijden betreft, vraag ik me zelfs af of ik nog wel wil deelnemen aan de jaarlijks terugkerende grote wedstrijden zoals de 20km van Brussel of de HM van Eindhoven. Ik doe nu al jaren aan een stuk bijna altijd dezelfde wedstrijden. Op de duur heb je alles wel gezien. Er zijn nog zovele wedstrijden waaraan ik niet heb deelgenomen en die vast ook heel leuk zijn om te doen. Tijd om nieuwe horizonten op te zoeken!

Ondertussen wens ik alle mensen van goede wil een héél fijn 2011 toe!

 2011 (2).jpg

22:07 Gepost door Sandy in Algemeen | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

24-12-10

Trop is teveel

Trop is teveel, zei Vandenboeynants en ik geef hem gelijk. De hoeveelheid sneeuw die hier de laatste dagen is gevallen is niet meer normaal. Dat blijft maar komen.

Eigenlijk is het raar: met uitzondering van vorig jaar, hebben we de voorbije 10 jaar nauwelijks sneeuw gezien. Als er eens witte vlokken uit de lucht kwamen vallen, moesten we ons naar het raam reppen en met volle bewondering het fenomeen gadeslaan want 2 uur later was alles verdwenen en moesten we minstens een heel jaar wachten tot de volgende kans zich voordeed.

Ik herinner me zelfs een winter dat ik mijn warmste loopbroek welgeteld één keer uit de kast heb gehaald, omdat het toen gevroren had, wat vrij uitzonderlijk was. De relatief warme winters waren een zegen voor de muggen en ander zomers rondvliegend gespuis, want die hadden niets te vrezen. De opwarming van de aarde, weet je wel. Vorige winter wisten we niet wat ons overkwam: wéken aan een stuk zag alles wit. En deze winter lijken we dezelfde weg op te gaan. Alleen heb ik de indruk dat het de laatste dagen wel héél véél op korte tijd heeft gesneeuwd.

Een paar details uit onze tuin:

  056.JPG

 

 

 

 

 

 

 

 

 

052.JPG Zoals ik vorige keer al geschreven heb, is het wondermooi om in verse sneeuw te lopen, maar als hij kniehoog komt wordt het toch een ander verhaal. Bovendien is het een pest als je de baan op moet. Sinds ik 2 winters terug los door onze garagepoort van het huis ben geschoven met onze auto, heb ik een ferme schrik gepakt van rijden in de sneeuw. Het machteloze gevoel als je remt en dat de auto niet reageert maar gewoon dóór rijdt…brrr. Het staat me nog zo voor de geest. En dan dat geluid van botsend metaal…

Soit. Iets anders nu.

Sinds kort beoefen ik ook een andere sport: spinning. Ik had er de eerste keer mee kennis gemaakt ten tijde van het A-Team-project van de Runner’s World. Het is keileuk om te doen en heeft veel van lopen weg: je kan er jezelf mee afbeulen als je dat wil of je kan het wat rustiger aan doen. Dat heb je allemaal zelf in de hand. Bovendien kan je jezelf overgeven aan het ritme van de muziek en dat vind ik geweldig. Ik en muziek, dat is altijd al een goeie combinatie geweest.

Soms moeten we spurtjes doen en de benen zo snel als enigszins mogelijk is laten ronddraaien. Zonder weerstand. Hoewel ik alles geef wat ik heb en bijna van de fiets af wip, merk ik dat er mensen zijn die bijna 2 keer zo snel als ik ronddraaien. Ik snap dat niet. Ik heb nu toch iets dat voor conditie kan doorgaan, en mijn kuit- en dijspieren hebben toch al 9 jaar looptraining achter de rug. Dus ik wil maar zeggen, mijn lijf is wel iets gewoon. Maar die rotatiesnelheid kan ik niet aan. Al een geluk dat mijn schoenen vastgesnoerd zitten, anders zou ik echt van de fiets afwippen Knipogen

Tot mijn verbazing schalde er gisteren een stevige metalplaat uit de boxen. Ik had het nummer nog nooit gehoord maar het beviel me zo dat ik achteraf aan de instructrice ben gaan vragen van wie het was. Een groep waar ik nog nooit van gehoord had: Sabaton. Het nummer kwam als derde in één reeks voorbij, terwijl we een zogenaamde beklimming aan het doen waren. Ik had de weerstand al diverse keren hoger gezet, mijn dijspieren moesten echt duwen om de trappers omlaag te krijgen. Ik voelde mijn beenspieren branden. Het ritme van mijn adem ging sneller en sneller en het zweet gutste van mijn hoofd. Ik stond recht op de trappers en bleef fietsen. Ondertussen voelde ik de gitaarriffen in mijn maag en bewoog ik perfect op het ritme van de muziek. En maar volhouden.  Ogen dicht, hoofd naar beneden. Trappen. Afzien. Sporten. Léven.  Zalig.

11:02 Gepost door Sandy in Spinning | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

20-12-10

Het effect van lopen

winter.jpgToch raar wat lopen met een mens doet.

 

Het was zondagvoormiddag. Ik had lang in bed gelegen, eens goed uitgeslapen en was een poging aan het doen om echt wakker te worden met een tas koffie. Buiten zag het er witter dan wit uit. Koud. Glad. Nat aan de voeten. Geen loopweer, vond mijn nog-niet-wakkere brein.

Ik had al plannen gemaakt om in de namiddag met een vriendin weg te gaan. En eigenlijk moest die tussenliggende tijd opgevuld worden. En aangezien mijn ventje de zondagse tocht naar de bakker al ondernomen had, had ik nog echt weinig excuses om niet te gaan. Als ik me NU zou omkleden was ik nog op tijd terug om te douchen, te eten en op tijd op de afspraak te verschijnen. 

Zo gezegd, zo gedaan. Ik zocht mijn warmste loopbroek uit, een dikke trui, Mark zijn fietshandschoenen EN mijn warmhoudkussentjes. Muziekje op, en wegwezen. Ik besloot mijn gebruikelijke toerke in de omgekeerde richting te lopen. Dan kon ik de ondergrond uittesten en rapper een lusje huiswaarts maken ingeval het tegensloeg.

Eens ik onderweg was, was het echter PRACHTIG om te lopen. Alle takken van de bomen zagen wit, alle contouren van de natuur werden benadrukt door een laag sneeuw. Gewoonweg magnifique om te zien! Onderweg bedacht ik me dat het wel handig was dat er af en toe een reliëf zichtbaar was waar een beek zat, of dat er weipalen de afgrenzing van een landgoed aanduidden: hoe zou ik anders moeten zien waar de weg liep? Alle normale herkenningspunten waren verdwenen. 

In plaats van glad was het heerlijk knisperend knerpend lopen in de verse sneeuw. Af en toe trad ik – letterlijk- in de voetsporen van wandelaars of liep ik op de sporen van fietsbanden, maar meestal mocht ik mijn voeten planten in een maagdelijk effen sneeuwoppervlak. Ik kwam één andere loper en 3 mountainbikers tegen. En de laatste 2 kilometer ook 3 auto’s. That’s it.

Het is toch een speciaal gevoel om jezelf in het midden van de natuur te bevinden in zo’n feëriek landschap en het ook te ZIEN en er van te GENIETEN! Ik betrapte mezelf er op dat ik constant met een glimlach op mijn gezicht liep. Hoe onnozel. Maar het bewees wel hoe blij ik was dat ik mijn zogenaamde excuses om niet te gaan lopen opzij had gezet. 

Eenmaal thuisgekomen en gedoucht, vroeg mijn kleine wijsneus me plots: “Mama, waarom ben jij zo blij?” Blijkbaar zat die glimlach op mijn gezicht gebeiteld.  

Wat lopen toch met een mens kan doen….

21:52 Gepost door Sandy in Training | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

16-12-10

Wat flauwe zever

afvoer.jpgSoms zijn er zaken waarvan ik me afvraag wie er ooit op dat idiote idee is gekomen. Soms voel ik een ergernis ontstaan en zou ik ze Goedele-gewijs graag door de afvoer gooien. Met de glimlach, weliswaar. 

Een kleine opsomming:

 -         Ik heb mijn hele leven speculAAs gegeten. De Sint bracht vroeger een pakje speculAAs en in de winkel lag er speculAAs in het schap. Tegenwoordig bestaat dat koekje niet meer, nee nee, tegenwoordig eten we speculOOs en smeren we speculOOspasta op onze boterham. Staat dat wat hipper of wat is de belachelijke redenering hierachter?

 -         De feestdagen komen eraan en we worden bedolven met richlijnen hoe we ons feestelijk moeten aankleden. Nu ben ik de eerste om er vreugde in te vinden om mezelf op te taloren, zoals ze dat bij ons zeggen, maar bij temperaturen van rond het vriespunt ga ik mezelf echt niet in een mouwloos kleedje hijsen. Wie verzint het om een kleedje zonder mouwen aan te doen en met blote armen wat te staan bibberen? Het mag er nog zo feestelijk uit zien als het wil, ik doe warme LANGE mouwen aan. Ik ken wel andere truukjes om mijn outfit net dat beetje meer te geven Stoer

 -         Nee, ik koop geen looprokje omdat dat “in” schijnt te zijn. Dan mag ik de grote uitzondering zijn, het zal me worst wezen. Ik doe een broek aan om te lopen. Punt.

 -         Ik zeg het nog eens voor de honderste keer: ik ben NIET geboren op de dag van de onnozel kindekes! Echt niet! Ik ben de dag ERNA geboren, om half tien in de voormiddag, dus ik ben GEEN randgeval. Gesnopen? LachenLachenLachen

 

 Maar evengoed zijn er zaken die ik verheerlijk. Evenzeer met de glimlach:

 

 -         Degene die van die zakjes heeft uitgevonden die warm worden als ze met lucht in aanraking komen, en die je lekker in je handschoenen kan steken. Zàlig! Ik heb de voorbije dinsdag met warme vingers kunnen lopen. Zeer uitzonderlijk in de periode tussen september en mei.

 -         Aan degene die mij getrokken heeft voor Kerstmis: met de heruitgebachte CD-box van “The darkness on the edge of town” kunt ge mij heel blij maken! Maar ik ben ook content met “The Promise”. Zeg nu nog eens dat ik een moeilijke ben.

 -         Ik “moet” de laatste tijd niks van mezelf. En dat is een geweldig gevoel. Ik “moet” niet gaan lopen, ik “moet” niet kuisen, ik “moet” niet lachen als ik niet vrolijk ben. Zo simpel. Waarom ben ik daar nog niet eerder op gekomen?

 -         Alle dokters en medicijnen die mijn vriendjes, vriendinnetjes en familie helpen om weer gezond te worden, zij het dmv een spuit, een operatie of chemo. Ik duim voor jullie! Toi, toi, toi!!

 

Oef. Dat luchtte op.

15:02 Gepost door Sandy in Zever | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

12-12-10

Rimpels

rimpels.jpgDinsdagavond had ik net voor het slapengaan onze kater nog eens geknuffeld. Niet zo’n goed idee omdat ik allergisch ben voor het beestje, maar meestal valt dat nogal mee. Waarschijnlijk heb ik toch vlak daarna in mijn ogen gewreven, want toen ik in bed lag begon mijn oog fameus te jeuken. Ik had geen zin om op te staan om er druppeltjes in te laten vallen, ik lag immers net zo lekker warm tussen de flanellen lakens. Ik heb een paar keer in mijn oog gewreven zodat de ergste jeuk weg was, en vanaf dan heb ik me heel erg beheerst. Niet meer aan mijn oog gekomen, hoe erg het ook jeukte. En dat lukte. Flink hé?

’s Morgens bij het ontwaken voelde ik dat mijn rechteroog niet zo goed open ging en dacht ik: “oei, precies een beetje dik”. Toen ik echter in de spiegel keek verschoot ik toch wel. Mijn rechteroog zat helemaal dicht. Daar waar er vroeger rimpels te zien waren, was nu een gave huid te zien, en daar waar er normaal een gave huid te zien was, zaten nieuwe rimpels. Alles van onder mijn wenkbrauw tot onder mijn wallen was helemaal opgezwollen.

Ik kwam beneden en ons mannen vroegen direct wat er aan de hand was. Gelukkig had ik een dagje verlof, zodat ik op het werk al geen verklaringen moest geven. Alhoewel, ik had mijn antwoord al klaar, ingeval iemand er achter zou vragen, nl “Goed wat botsen gehad!” Zouden ze me geloven? Lachen

Enkele dagen later was alles weggetrokken en zaten de rimpels terug op de juiste plaats. Ik stond voor de spiegel en trok een scheef gezicht. Daar waar de waterzak had gezeten, verschenen wel erg veel plooikes. “Sandy jong, ge zijt echt oud aan het worden,” dacht ik. Maar onmiddellijk daarna zei ik tegen mezelf dat als die rimpels alles was waar ik me zorgen over moest maken, ik mijn twee pollekes mocht kussen. Er zijn mensen die andere problemen moeten aanpakken.

Ik koop zo af en toe eens een tijdschriftje. Zo had ik de voorbije week de Goedele nog eens gekocht. Er stond een verhaal in dat me echt aangreep: over mensen die met een “ziekenhuisboot” de kust van arme landen aandoen om geheel vrijwillig de mensen te helpen. Je moet zelfs betalen om er als vrijwilliger te kunnen werken. Qua motivatie kan dat tellen. Voor ze de arme mensen opereren, moet er eerst een selectie gebeuren.  Die selectie is bitter- maar dan ook bitterhard. Kinderen met katarakt worden maar aan één oog geopereerd. Dan kunnen er 2 kinderen geholpen worden in dezelfde tijdspanne in plaats van één. Mensen met een kwaadaardige tumor worden gewoon niet geopereerd. Er is toch geen nabehandeling mogelijk, dus een operatie is zinloos. Afgeschreven. De dokter vertelde dat je zelfs “geluk” had indien je een kwaardaardige tumor had, omdat je lijden dan relatief kort was. Mensen met een goedaardige tumor leefden vaak nog jaren waarna ze een langzame verstikkingsdood stierven.

Die dokter zei dat de selectie simpelweg krankzinnig was. Niet denkbaar in deze tijd waar aan de andere kant van de aardbol mensen geloven dat ze absoluut gelukkig zullen worden indien hun neus 1mm gecorrigeerd wordt, of indien ze een cupmaatje meer hebben.

Uiteindelijk is het wel zo. Wij maken problemen waar er in weze geen zijn. Wij zijn zodanig verwend dat vergeten wat echt belangrijk is, en wat we echt nodig hebben om gelukkig te zijn. Dus heb ik eens heel lief naar mezelf gelachen en mijn rimpels gekoesterd. Elke rimpel vertelt zijn eigen verhaal; en zolang het lachrimpeltjes zijn, zie ik ze zelfs graag! Want het zijn bewijzen van gelukkige momenten.

Er gebeurt de laatste tijd zoveel rondom mij dat ik zelf soms niet weet wat de zin er allemaal van is. Maar eigenlijk wijst alles maar één richting aan: geniet van je familie en vrienden. Koester ze. Hou van ze. Geniet van het leven. Niet van de grote gebeurtenissen, niet van de grote doelen, maar van elk klein detail. Mijn zoon die me zegt dat ik het beste kan masseren van de hele wereld en gelukzalig achterover leunt terwijl ik zijn kuiten onder handen neem. Een vriendin die me vertelt hoe de roosjes die ik haar ooit cadeau heb gegeven, koppig in de sneeuw staan te bloeien en even sterk lijken te zijn als de persoon van wie ze ze cadeau heeft gekregen. Een collega die me altijd aan het lachen maakt met zijn grappen en grollen. Onze kater die op koude winteravonden ligt te wroeten en te wringen tot hij zijn plaatsje op mijn schoot kan innemen. Een loopje in het daglicht, helemaal alleen tussen de velden, met alleen maar de natuur als gezelschap.

Eigenlijk hoeven we het helemaal niet ver te gaan zoeken om gelukkig te zijn. We moeten het alleen willen zien.

12:21 Gepost door Sandy | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

05-12-10

Uitwaaien

Een begrafenis is altijd moeilijk voor mij. Het doet er zelfs niet toe of ik de persoon in kwestie gekend heb. Als ik het verdriet zie van de mensen die achterblijven, huil ik mee.

Gisteren was er ontzettend veel volk op de begrafenis van Chris. Een half uur voor aanvang van de dienst was de kerk volzet. De gangen stonden vol mensen en ook buiten moeten er mensen het gure weer getrotseerd hebben, want bij de offergave blééf er volk komen. Het was een hele mooie dienst, waarbij er een collega en vrienden en zelfs haar zoon een tekst kwamen voorlezen. Chris zou fier geweest zijn.

Het bidprentje staat hier thuis op de kast. Elke keer als ik er langskom, zie ik een foto van een stralende, lachende vrouw die met open blik in de camera kijkt. En elke keer denk ik: “Chris, wat doet jouw foto op dat bidprentje? Jij hoort daar helemaal niet thuis!” Het is zoals het beeld van een sneeuwman in de woestijn, 2 zaken die gewoon niet samenhoren. Op een bidprentje hoort de foto van een oud verrimpeld besje te staan. Elke keer opnieuw komt die gedachte in me op. Chris hoorde helemaal nog niet dood te gaan. Ze had nog zo veel plannen en was nog zo nodig op deze wereld.

Niet dat er ooit een “goed” moment is om te sterven, maar ik kan niet anders dan met enige bitterheid vaststellen dat Chris maar half zo oud was als de vrouw die haar heeft aangereden.

Deze vrouw heeft het ongeluk ook niet gewild, en zeer zeker de gevolgen niet, daar ben ik me absoluut van bewust. Het moet voor haar heel moeilijk zijn om verder te moeten in de wetenschap dat ze de oorzaak is van iemand zijn dood. Maar ik vermoed dat iemand van 85 jaar de meeste ‘taken’ in haar leven wel volbracht zal hebben. Ze heeft er tenminste de kans voor gekregen, en dat kan Chris niet zeggen.

Bovendien is de ene 85-jarige de andere niet. Kan best zijn dat deze vrouw nog een hele kwieke dame was voor wie de auto haar vrijheid betekende. Het kan allemaal best zijn.

Ach, ik kan er nog zoveel over schrijven, feit is dat Chris er niet meer is. Ik kende haar nog maar enkele jaren persoonlijk, hoewel ik haar al vele jaren in onze buurt zag langskomen als ze met haar vriendin ging lopen. Maar ik sta er van te kijken hoe ik er zelf van onder de voet ben.

Een stom voorbeeld: daarstraks ging ik een restantje eten in de groene bak gooien. Toen bedacht ik me: als ik er morgen niet meer zou zijn, zou Mark dan weten wanneer hij een restantje moet wegkappen of wanneer hij het nog mag opeten? Zou hij weten wanneer het tijd is om nieuwe kleren voor de kinderen te gaan kopen? Voor alle duidelijkheid: ik heb een man die volledig zijn plan kan trekken in het huishouden: koken, wassen, strijken, hij kan en doet het allemaal. Maar toch zijn er zaken waar een vrouw net iets meer aandacht aan geeft.

In de opvoeding van onze kinderen leert hij hen andere dingen dan ik doe. Bepaalde kwesties pakt hij anders aan dan ik. Hij legt andere accenten dan ik. Dat is niet meer dan logisch. Maar stel je voor dat zo één van de ouders plots wegvalt? Ik mag er niet aan denken. 

Pfff, zware kost hier op deze blog de laatste tijd….

Om af te sluiten nog wat sportnieuws: het gelopen kilometeraantal van de voorbije week heeft een historisch punt bereikt: welgeteld 8,5 kilometer heb ik deze week gelopen.

Dinsdagavond moest ik weg, vrijdagavond had ik geen zin om naar een ondergesneeuwde piste te vertrekken, maar vandaag vond ik geen geldig excuus. Ik heb nog getwijfeld om het argument “gladde wegen” te gebruiken, maar dit vond ik zelf redelijk zwak klinken. Vooral als je van plan bent om in het bos te gaan lopen. Gek genoeg was het in het bos veel gladder dan op de baan. De baan was grotendeels open, maar in het bos lag er nog een bevroren laag ijs onder de sneeuwsmurrie. Ik zag wandelaars evenwichtsoefeningen doen om recht te blijven en menige verbaasde blik in mijn richting werpen omdat ik het aandurfde om echt te lopen, maar eigenlijk viel het best mee. Gewoon niet denken aan de gladheid en ontspannen lopen, en dan kwam het allemaal in orde.  In het begin deed ik nog moeite om plassen en half gesmolten sneeuwmassa’s te vermijden, maar eens in het bos aangekomen was dit zinloos. Onze trainer zou content geweest zijn als hij mij had zien lopen, want ik moest noodgedwongen de knieën wat hoger heffen dan normaal. Al gauw waren mijn schoenen, kousen en dus ook voeten nat tot aan mijn enkels. Om te voorkomen dat ik met ijsklompjes naar huis moest lopen, heb ik het toerke beperkt tot 8,5 km. Het deed toch deugd en ik was blij dat ik gegaan ben. Het was nodig om efkes uit te waaien.

18:39 Gepost door Sandy | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

02-12-10

Alles verandert

change.jpgAlles verandert voortdurend. Dat is wat een wijze man me al een tijdje probeert wijs te maken. En het is waar wat hij zegt. Niets blijft hetzelfde. Wijzelf in de eerste plaats niet.

Eigenlijk is dat maar goed ook. Stel je voor dat je nooit iets zou bijleren? Dat je altijd halstarrig overtuigd blijft van je eigen gelijk? Dat je jezelf nooit in vraag stelt? Dat je je mening nooit wijzigt? Het zou als gevolg hebben dat we vlug uitgepraat waren, en dat het leven zeer oninteressant werd. We zouden oude knorrepotten worden en nooit iets bijleren.

Ik loop al bijna 39 jaar op deze aardkloot rond. Op een gegeven moment denk je dat je toch al ’t één en ’t ander hebt meegemaakt. Je beseft dat je met scha en schande zaken hebt bijgeleerd, met vallen en opstaan. Alle wijsheid die je onderweg vergaard hebt, probeer je aan je kinderen door te geven, maar dat gaat nu eenmaal niet altijd, want er is geen enkele leerschool zo effectief als de eigen ervaring. Ook al zie je kilometers op voorhand dat ze gaan botsen, soms moet je ze gewoon laten botsen. Ze de kans geven om te botsen. Ze luisteren immers niet naar het gezaag van een ouder die het beter denkt te weten. Hoe waren we immers zelf op die leeftijd?

En dan kom je plots tot de ontdekking dat je eigenlijk zelf ook maar een stumper bent die nog zo ontzettend veel te leren heeft. Die frank is pas gevallen op een moment dat ik een paar inzichten rijker werd. Ineens vraag je je af hoe je het al 39 jaar hebt klaargespeeld om een zinvol leven te leiden (ofwel: lijden – schrappen wat niet past) zonder die bepaalde inzichten.

Soms… soms als er iets heel ergs gebeurt in onze omgeving, staan we even stil bij de manier waarop we leven. De manier waarop we tot op dat moment ons leven geleefd hebben. We zeggen tegen elkaar dat we onszelf om die of om die reden toch gelukkig mogen prijzen. Waarna we elk terug onze eigen weg gaan en verder razen op dezelfde manier als we bezig waren.

Ik ben er van overtuigd dat er eerst iets ingrijpend in je leven moet gebeuren voor je werkelijk de daadkracht kan opbrengen om iets wezenlijk te veranderen. Voor zo ver het nodig is dat er iets verandert, natuurlijk. Klagen we niet vaak dat we zo weinig tijd hebben om datgene te doen dat we zo graag doen? Of dat we zo dikwijls “ja” zeggen als mensen iets van ons vragen, terwijl er een klein stemmetje vanbinnen “neen” zegt. Of net het tegenovergestelde, dat datzelfde stemmetje roept om gehoord te worden, en we “neen” tegen onszelf zeggen?

Vorig weekend is er een loopvriendin die bij mij in de buurt woonde, op enkele honderd meter van haar huis verongelukt. Ze was 48 jaar, een pittige loopster die wist hoe ze er een lap op moest geven. De voorbije zomer begon ze aan de verwezenlijking van een droom: een marathon lopen. Ze ging echter wat te enthousiast van start, want haar schenen waren niet akkoord met de extra trainingskilometers, waardoor ze al een tijdje rust moest houden.

En nu…..nu is ze er niet meer. Haar zonen hebben geen moeder meer waarbij ze thuis kunnen komen. Haar man heeft geen vrouw meer waarbij hij terecht kan met zijn verhaal. De kindjes in haar klas moeten verder met een andere juffrouw. Haar petekindje kan niet meer door haar geknuffeld worden.

Levens worden verwoest, grote leegtes blijven achter. Hoedanook moeten we een manier vinden om verder te gaan. Om zin te blijven geven aan ons leven.

Ik vind het leven vaak heel erg mooi, maar even vaak ook bitter hard.  Meer en meer raak ik er van doordrongen dat we alle ballast overboord moeten gooien en vooral moeten doen waar we onszelf goed bij voelen. Datgene doen wat ons gelukkig maakt. Genieten. Allemaal binnen de grenzen van het mogelijke natuurlijk, maar als je echt wil is er heel veel mogelijk. Je moet het alleen graag genoeg willen.

20:31 Gepost door Sandy in Algemeen | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

17-11-10

De violen

Ik ken niks van klassieke muziek. Echt helemaal niks. Ik ken wat namen van componisten maar zou nooit kunnen zeggen wie wat geschreven heeft. En toch denk ik dat daar een verborgen schat voor mij weggelegd is.

 Mijn frank is namelijk pas gevallen dat ik helemaal ondersteboven ben van de viool.

 Om bij het begin te beginnen: tijdens één van mijn schildersessies de vorige dagen had ik de radio opgezet. Op één of andere post speelden ze de top 30 van x aantal jaren terug. Ik heb me kostelijk geamuseerd terwijl ik uit volle borst meebrulde met oa. “Vrijgezel” van Benny Neyman, en “De dag dat het zonlicht niet meer scheen” van John Terra, en ook “Japanese Boy” van Aneka. Tijdens dat laatste nummer hoorde ik plots één van mijn zonen roepen: “Mama! Alstublieft zeg!!” Hoewel ik graag zing, lijkt het voor de toebehoorders minder aangenaam :-)

 Soit, mijn zus wist me te vertellen dat op deze post de komende week de top 800 van de eighties gespeeld zou worden. Toen ik maandagmorgen naar ’t werk reed heb ik mijn geliefde Radio 1 gewisseld voor deze post. Er kwam een nummer voorbij dat ik PRACHTIG vond. Eeuwen geleden dat ik dat nog gehoord had. Ik heb het de hele dag op het werk lopen zingen (in de gang, of op de trap, of in ’t fabriek - daar waar niemand mij kon horen, voor alle duidelijkheid). ’s Avonds direct geyoutubed en gevonden: “I treni di Tozeur” van Alice en Battiato. Een inzending voor het Songfestival in 1984 zo blijkt.  Ik kan maar niet genoeg krijgen van dit plaatje. Waarom? Wat maakt dat ik dit zo ontzettend mooi vind? En nu weet ik het: het zijn de violen. Het is ook een mooie melodie en heel sterk gezongen natuurlijk. En er komt ook een klein stukje in voor waar een paar operazangeressen een piepklein stukje zingen. Ik vind dat PRACHTIG.

 En toen ben ik eens gaan nadenken. “Don’t make me miss you anymore” van Jan Leyers heeft zo een stuk waar plots de violen spelen, en het is altijd dit stukje waar ik op wacht als ik dat liedje hoor.

“Deja me ser mujer” van Axelle Red heeft een stukje waar operazangers op de achtergrond zingen. Ook op dat stuk zit ik altijd te wachten.

Mijn muzieksmaak is redelijk ruim, moet ik zeggen. En soms kan ik echt genieten van nummers, of mijn benen niet stil houden en moet ik een dansje placeren in mijn keuken of waar ik op dat moment ook ben of wat ik ook aan het doen ben. Maar als ik die violen of de operazangers hoor, dan grijpt mij dat in één seconde naar de keel. Dan sluit ik mijn ogen en dan moet ik heel diep inademen en word ik helemaal stil en geconcentreerd. Dan bestaat er heel even niks anders dan die muziek en de emoties die dat bij mij losmaakt. Fantastisch gevoel.

En dus denk ik echt dat er klassieke stukken moeten bestaan waarin ik mezelf helemaal kan verliezen. Ik zou echter begot niet weten waar ik moet beginnen te zoeken.

Is er iemand met kennis van zaken aan het lezen? Doe me eens wat tips aan de hand aub.

Om duidelijk te maken wat ik bedoel, post ik hieronder de liedjes waarvan hierboven sprake was. Dan kunnen jullie zelf eens luisten naar de violen en operastemmen.



 


16:00 Gepost door Sandy in Muziek | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

15-11-10

A woman on a mission

De meeste mensen hadden een verlengd weekend voor de boeg vorige week. Wat ingevuld kon worden door zalig niks doen, sporten, toch maar werken, water scheppen,…voor elk wat wils. Voor hen die in lager gelegen gebieden woonden en die dachten zich te gaan vervelen, heeft de natuur een handje geholpen. Man, man, man…stel je voor dat er 50 cm water in je huis staat. Dat je meubels en toestellen kapot zijn, tot daar aan toe. Maar die natte muren, de binnendeuren die zonder twijfel zullen kromtrekken, alle electrische leidingen die je zal moeten vervangen, eventueel parket die veranderd in een natte spons, de schouw die afgebroken moet worden… En je hebt water en water, hé. Ik kan me voorstellen dat het geen fris leidingwater is dat binnengestroomd komt, maar een vieze brij bestaande uit modder, hemelwater en rioolwater. Ik mag er niet aan denken.

Zelf had ik 4 dagen schilderen gepland.  Van ’s morgens vroeg (met een korrel zak zout te nemen) tot ’s avonds laat (zeer letterlijk te nemen). 2 weekends terug had ik onze kamer, Wouter’s kamer en de bureau al onder handen genomen. Nu wilde ik de living, keuken en wasplaats doen. Ambitieus, I know, I know. Maar als ik iets in mijn koppeke heb… Zeg nu zelf, de timing was toch perfect gekozen? Wat moet een mens anders op zulke sombere herfstdagen?

Woensdag was ik verf gaan kiezen. Een zacht beige kleurtje zou het worden. Iets bescheidener dan hetgene nu tegen de muur hing. So far so good. Tot ik begon te schilderen. In de pot was het beige, op de borstel was het beige, op de rol was het beige, en op de muur was het ….koud grijs. Geduld, Breugelmans, geduld. Eens het droog was en een tweede laag had gekregen, zou het vast wel meevallen. Dacht ik. Noppes! Niks daarvan! ’s Avonds om 21.30u was ik helemaal rond en had ik van ellende zelfs al een stukje voor de 2e keer geschilderd. Maar het bleef koud grijs.

Ik had 10 liter verf gekocht. Die ging ik niet zomaar wegsmijten. Anderzijds wilde ik de volgende 5 jaar ook niet in een koud huis wonen. Mijn huis moet één ding uitstralen, en dat is gezelligheid. Een mens moet zich behaaglijk en welkom voelen, en wijzelf in de eerste plaats!

Dus togen we vrijdagmorgen vol goede moed terug naar de winkel. Na wat over en weer gebabbel en veel vijven en zessen, kwam het er op neer dat ze daar geen risico’s wilden pakken. Met andere woorden: TTP oftewel: trektuweplan! Ik nam een flesje rode kleurstof mee, in de hoop dat dat de verf een warmere tint zou geven. Thuis mengde ik wat verf met wat druppels kleurstof in een apart potje. Het bleef beige. Nog wat druppels. Nog steeds beige. Nog wat druppels. En plots was het roze. Dat was nu niet bepaald de kleur die ik in gedachten had.

Terug naar de winkel. En 2 flesjes donkerbruine kleurstof meegenomen. Op hoop van zege heb ik dat getest en zowaar, daar verscheen een warme kleur. Jabbedabbedoe! Tot ik begon te schilderen. Terwijl ik de verf op de grijze ondergrond aanbracht, zag ik nauwelijks verschil. ’t Is begot niet waar, hé! Maar nee, zoals reeds gezegd is geduld een schone deugd. Eens het wat opdroogde was er een duidelijk kleurverschil. En zo kwam het dat vrijdagavond rond 21.30 u de living klaar was. Helemaal geschilderd in een warme vrij neutrale kleur. Ik was in mijn nopjes.

Zaterdag was onze kleinste spruit jarig. Rond 10 uur herinnerde ik me hoe ik 9 jaar geleden op datzelfde moment simpelweg euforisch was. Omdat de bevalling achter de rug was en het een makkie was geweest. Omdat ik zo’n schrik had gehad van een herhaling van de vorige keer. Op de foto’s van toen zie je me dan ook echt glunderen. Soit. Papa was dit keer gastheer op zijn feestje (buitenshuis) want ik moest….juist ja, schilderen.

Vandaag was de keuken aan de beurt. Al bij al ging het vlotjes vooruit. Zo vlot zelfs dat ik al in de wasplaats zou kunnen beginnen. Dacht ik. Altijd als je denkt dat je voorloopt op de planning, komt er wel een kink in de kabel. De onderste helft van de muren in de wasplaats heeft een andere kleur dan de bovenste helft. En daar waar die kleuren samenkomen had ik zoveer jaar terug een behangboord gekleefd. Die moest ik er natuurlijk eerst af, en dat klusje zou ik eens rap klaren, se. Teute Gerard! 3 uur heb ik staan krabben voor alles tesamen misschien een goei 3 meter boord! 3 uur verdorie!! ‘k Heb zelfs hulp ingeroepen van mijn lieftallige schoonbroer en zus, kwestie van aan ervaringsdeskundigen te vragen welke technieken ik nog kon proberen. Het papier wilde er wel af, maar de lijm die ik destijds gebruikt heb was niet van de minste, blijkbaar. Van pure frustratie had ik op den duur al zoveel kappen in de muur gemaakt, dat ik alles nog met Polyfilla kon gaan opvullen. Nog méér werk! Zaterdagavond laat was de bovenkant in elk geval geschilderd.

Toen ik zondag wakker werd, had ik het gevoel dat er dikke klompjes aan mijn armen hingen. Mijn handen waren gevoelloos en redelijk opgezwollen. Dat slapende gevoel in mijn handen verdween wel eens ik mijn armen verlegde, maar het verschijnsel was me jammer genoeg bekend. Tijdens onze bouw heb ik daar ook last van gehad. Beetje veel op te korte tijd willen doen, zekers? Toen ik begon te schilderen en ik naar boven reikte, werden mijn handen opnieuw gevoelloos. Geen tijd om te zeveren, het einde was in zicht. Er restte mij nog wel een stress-jobke, namelijk een rechte lijn schilderen daar waar de donkerdere verf van de onderkant stopte. Het moest in één keer goed zijn. En het is me gelukt. Je moet niet met een vergrootglas komen kijken, maar als ik en mijn huisgenoten er content mee zijn, is ’t wel goed zekers? 

Dan het huis nog even dweilen en dan kon Mark alle plaatjes van de lichtknoppen en stopcontacten terug monteren, alsook de gordijnen en prikborden enz. 

En nu…is het allemaal af. Er zit een wreed, wreed contente vrouw voor U. Wel één met een slapende rechterhand, maar dat trekt hopelijk wel weg. Mission accomplished!

Van een mission gesproken: het liedje hieronder draag ik op aan een zeer sterke vrouw waar ik onlangs mee afgesproken had. Zij heeft in het leven al serieuze klappen van de zweep gekregen maar niets of niemand krijgt haar klein. Altijd opnieuw krabbelt ze terug recht en gaat met frisse moed verder, zij het weer een lesje rijker. We zijn die avond constant aan het babbelen geweest en toen ik de eerste keer op mijn klok keek was het al na 12 uur. We hebben onze grote en kleine verdrietjes tegen elkaar verteld, hebben keer op keer gegierd van het lachen (vooral met de hond en de rugzak) en kwamen tot de slotsom dat we een dikke vette middelvinger aan de rest van de wereld lieten zien. :-)  Soms kan het zo’n deugd doen om conversaties te voeren waar het sarcasme van afdruipt, en waar je bijgevolg volledig horizontaal gaat van het lachen.

An, deze is voor jou:

21:58 Gepost door Sandy | Permalink | Commentaren (8) |  Facebook |

06-11-10

Het oude vrouwtje

leave.jpgIk zie haar bijna elke zondag.

Helemaal kromgebogen staat ze minutieus het fietspad te keren. Ze woont niet in het centrum van het dorp en heeft dus geen stoep om te verzorgen. Enkel maar een voortuintje, de goot en dan het fietspad. Maar die krijgen wel haar volle aandacht. Week na week zie ik haar geconcentreerd vegen. Geen zandkorrel zal blijven liggen als ie daar niet thuishoort.

Ik schat haar een jaar of 75.  Haar korte grijze haren heeft ze eenvouduig naar achter gekamd en ze draagt een altijd een schort.  Ze is van nature een kleine vrouw, maar ik vermoed dat een leven hard werken de oorzaak is van haar kromme rug. Die kromme rug maakt haar nog kleiner. Ze buigt niet een beetje voorover, maar is helemaal vergroeid met de houding waar het woord “zwoegen” van afstraalt. Desondanks is ze een vinnige vrouw en voeren haar armen nog steeds de opdrachten uit die haar ongetwijfeld sterke geest hen beveelt. Ze had zich ook kunnen opsluiten in haar huisje, de warmte van de houtstoof opzoekend. Maar ergens vindt ze altijd de motivatie om haar huisje en tuintje keurig te onderhouden.

In deze tijd van het jaar is het vrij hopeloos om je tuin proper te houden. De bladeren vallen volop van de bomen, en elke windstoot brengt een volgende lading mee. Zelfs als je een namiddag gewerkt hebt om de bladeren te verzamelen en op te ruimen, toch zie je dat een uur later niet meer. De herfst doet zich gelden.

De eerste keer dat ik het vrouwtje zag vegen, vroeg ik mezelf af hoe iemand gemotiveerd kon zijn om het zand op het fietspad weg te keren. Wat heeft dat voor zin? Dat je de sneeuw van je stoep ruimt, kan ik nog begrijpen. Maar het zand op het fietspad voor je deur? Ik vroeg me af of mijn wereld later ook zo klein zou zijn, dat ik bezigheden ging zoeken om de tijd te doden. Zou ik dan ook de meest nutteloze werkjes uitvoeren om mijn geest gezond te houden?

Vandaag zag ik haar weer. Hoewel de dorre bladeren constant in het rond vlogen, was ze ijverig het fietspad aan het keren. In plaats van het nutteloze van haar werk te veroordelen, bedacht ik me dat haar kromme rug niet vanzelf zo is gegroeid. Misschien heeft ze een leven achter de rug waarin ze dag in dag uit hard heeft moeten werken op een boerderij. Misschien is ze vroeger dienstmeid geweest?

Zij heeft nog geweten hoe het veld bewerkt moest worden, wilde je groenten kunnen oogsten. Zij heeft nog geweten hoe er hout gehakt moest worden, wilde je het in de winter warm hebben. Hoe een gat in een kous gestopt moest worden, omdat er geen geld was om een nieuwe te kopen. Zij heeft de tijd gekend dat enkel hard werken een garantie was om te overleven. Waarschijnlijk is dat harde werken een tweede natuur geworden en kan ze eenvoudigweg niet stilzitten. Omdat stilzitten vroeger eenvoudigweg niet hóórde. En omdat het woord "luxe" nooit in haar woordenboek heeft gestaan.

Hoe anders is haar leven geweest in vergelijking met het leven dat wij nu leiden?

Wij klagen omdat onze overvloed van kleren gestreken moeten worden. Wij klagen omdat we ocharme maar 15 weken bevallingsverlof krijgen. Wij klagen omdat de kuisvrouw een week niet komt, of omdat er geen tijd overschiet om onze sport te beoefenen.  

Waarschijnlijk heeft zij destijds nog de mangel bedient. Als ze geluk had. Anders moest de was gewoon met de hand uitgewrongen worden. Waaarschijnlijk heeft zij in haar jeugdjaren elke morgen om 5u het bed uitgemoeten om de koeien te melken. Elke dag. Waarschijnlijk kreeg zij na een bevalling een week tijd om te bekomen, en wachtte daarna de gewone dagtaak. En daar maakte niemand woorden aan vuil. Waarschijnlijk is het zelfs nooit in haar opgekomen om eens een uur tijd voor haarzelf uit te rekken en te genieten van een warm badje.

En heel waarschijnlijk werd dit allemaal gedaan zonder te morren. Omdat dat nu eenmaal de taak van een vrouw was, en omdat er nu eenmaal gewerkt moest worden om te overleven. Zonder daarbij één cent te verdienen.

Zulke vrouwen verdienen respect. Zij weten nog wat echt werken is.

14:41 Gepost door Sandy | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

04-11-10

Groen

Hoewel er van mijnentwege wel teken van leven was op andere social websites , was er toch enige ongerustheid te merken onder enkele lezers van dit blogje. Mediastilte wil meestal iets zeggen. Geen tijd? Geen goesting? Geblesseerd? Of nog erger: writer’s block? Voor zij die het zich afvroegen, kan ik Eddie-Vedder-gewijs antwoorden: I’m still alive. Of zelfs Jim-Kerr-gewijs: Alive and Kicking! Onkruid vergaat immers niet.

Er valt dan ook niks spectaculairs te vertellen over de laatste weken. Ik ben een cursus aan het volgen en het huiswerk dat we meekrijgen vraagt elke dag wel een uurtje van mijn tijd. Toegegeven, mijn bereidheid is niet alle dagen even groot om het eens met een understatement te zeggen, maar engagement is engagement.

Even dreigde er een “lachen-met-Sandy”-verhaal te volgen. Maar de gedachte aan de reactie van Marathon Geert die zelf een patent heeft op “lachen-met-xx”-verhalen, deed me besluiten om geen risico’s te nemen.

groen.jpgIk was namelijk aan het schilderen hier in huis. Wouter had een kleur mogen kiezen voor zijn kamer. We kwamen de winkel binnen, hij stapte gedecideerd naar de muur waar alle kleuren van de regeboog voor het uitkiezen hingen, en zonder te twijfelen ging zijn vinger naar de meest afgrijselijke kleur van het hele pallet: namelijk fluorescerend groen. Geen knalgroen, geen hard groen, geen grasgroen, maar werkelijk fluorescerend groen. Een héél uur heb ik het kind proberen te overtuigen van een andere kleur. Een héél uur. Ik weet niet van wie hij zijn vastberadenheid heeft geërfd, maar verdorie, dat kind weet wat hij wil. Op een gegeven moment had ik een kleurenwaaier vast. Ik zag een soort groen dat niet fluoresceerde maar waar ik nog altijd wel koppijn van kreeg. Tja, op den duur geeft een mens toe, hé. Ik vroeg hem zijn mening. “Awel ja, dat is goed,” zei hij. Ik beval de bediende om die kleur te maken. Nu. Direct. Bang dat mijn kleine wijsneus van gedacht zou veranderen. 

En zo kwam het dus dat ik de muren in zijn kamer groen schilderde. Mijn lieve zus bood spontaan aan om mee te helpen, kwestie van de koppijn wat te verdelen.  Zij deed de eerste laag in Wouter zijn kamer, en ik nam onze kamer onder handen met bosbessenyoghurtkleur. Althans, zo beschreef mijn broer het, en dat was eigenlijk de nagel op de kop. 

Op dag 2 volgde een tweede laag van het knalgroen. En zowaar, eens alles afgewerkt was en de kamer terug aangekleed was bekeek ik het resultaat. Eigenlijk was het een hele frisse kleur. Het is net alsof de lente in dat kamertje woont. Moest je wakker worden tussen dergelijke groene muren nadat je de avond ervoor wat veel alcochol genuttig hebt, dan kan ik me voorstellen dat je maag zich net iets sneller zou omdraaien. Maar toch….ik moet toegeven dat mijn zoon risico’s durft nemen. Het leven is aan de durvers, nietwaar?

Op dag 2 volgde ook de eerste laag bosbessenyoghurt in de bureau. En hier kwam het beruchte ramenwassenladdertje aan te pas. Op een gegeven moment stond de bak met verf op het plateautje bovenaan. En moest ik de ladder verschuiven. Voor ik het wist had ik de ladder al vast. Maar toen zag ik in gedachten bosbessenyoghurtverf in mijn décolleté terechtkomen. Ik stopte. Ik lachte, en ik nam de verfbak van het laddertje alvorens de ladder te verschuiven. Het verhaal van de ezel en de steen, weet je wel? Nee, nee, ik ben dan wel onnozel, maar zo onnozel nu ook weer niet! Ha!

Op dag 3 volgde een stijfheid van mijn beenspieren die niet normaal was. Kamers schilderen is harder afzien dan een halve marathon lopen. Echt waar! Of zou dat allemaal kwestie van training zijn? Dan heb ik nog wat trainingsuren voor de boeg, want de schildersmicrobe in mijn lijf is nog niet uitgewoed. Komend weekend nemen we even een pauze, maar het lange weekend daarna zal weer gevuld worden met borstels, verfrollen en trapladdertjes. Ineens doorbijten, dan ben ik er weer vanaf voor een paar jaar.

Lopen doen we ook nog wel, maar de drive is wat zoek. De lange donkere avonden doen daar geen goed aan. Ik moet echter dat logge lijf van mij in beweging houden want de weegschaal is onverbiddelijk hard. De chocolade kan daar ook voor iets tussen zitten, maar dat weet ik niet zeker ;-)

16:56 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

11-10-10

Halve Marathon van Eindhoven

Daar was ie dan, de magische datum 10/10/10. Ik had het resultaat van mijn halve marathon kunnen aflezen aan de weerberichten van de voorbije dagen. De temperatuur zat wel goed, maar die zon…die voorspelde weinig goeds.

De voorbije dagen had ik er op gelet genoeg koolhydraten te eten. Ik had zaterdag zelfs pannekoeken gebakken. Zondagmorgen had ik koffiekoeken van de bakker meegebracht maar na even te twijfelen, besloot ik dapper om de overheerlijk ruikende koffiekoek met noten en honing links te laten liggen. Geen risico’s op buikkrampen nemen.

Om kwart voor elf zaten we in de auto richting Eindhoven. Geparkeerd aan de TU, gezamenlijk picknick met rozijnen- en notenbrood, en dan te voet naar het beursgebouw om onze nummers af te halen. Bij de passage van elk toilet toch maar even voor alle zekerheid aanschuiven want als ik mezelf nog maar afvroeg of ik moest plassen, voelde ik de aandrang al. Dat is net zoals bij het slapengaan. Dan mag ik 2 minuten daarvoor nog naar het toilet ziijn geweest, vlak voor het slapengaan moet ik toch nog eens even. 

“En? In vorm?” Die vraag werd me meermaals gesteld. Ik maakte me er niet druk om. Met 3 trainingen per week moet je geen wonderen verwachten. Bovendien gooide de zon roet in het eten. Maar anderzijds had ik genoeg aanmoediging gekregen van geblesseerde thuisblijvers die in gedachten met me meeliepen en van wie ik de opdracht had gekregen om in hun plaats te genieten. Ook had mijn haas-uit-een-ver-verleden me nog bemoedigende woorden gestuurd in de voormiddag. Dat doet toch iets met een mens, als je weet dat er anderen aan je denken. 

Ik nam me voor om mijn uiterste best te doen, om letterlijk mijn beste beentje voor te zetten, maar ook om te genieten. Ik was niet van plan om mezelf aan flarden te lopen. 

Vlak voor we naar ons startvak gingen, had ik een meet-and-greet met de one and only Chris Rogghe! Maak dat mee! Zij heeft me al één en ander bijgebracht wat goede muziek betreft. En als ik zie welke vooruitgang zij de laatste jaren geboekt heeft, dan doe ik mijn hoed af. Zo’n snelheid! Je hebt weer een prachtresultaat neergezet, Chris!

De wedstrijd zelf dan. Nu kan je veel zeggen van die Hollanders, maar van wedstrijden organiseren kennen ze wel wat. Gesjoemel in de startvakken was niet mogelijk want aan de poortjes stond mensen te controleren die je terugstuurden als je daar niet thuishoorde. Ze creërden een flessenhals vlak voor je over de matten ging, zodat iedereen daadwerkelijk kon beginnen lopen eens je de matten gepasseerd was. Daar kunnen ze in ons Belgenlandje nog één en ander van leren, als ik denk hoe je in Brussel na 100 meter alweer stil staat omdat er een wegversmalling is, of omdat je een bocht moet nemen. En aan hoe je 20 km aan een stuk moet afremmen, voorbijsteken, optrekken. Hier kon je comfortabel je eigen tempo lopen, ookal liepen er overal mensen om je heen. 

De eerste kilometer stoven ze me langs alle kanten voorbij. In mezelf moest ik lachen. “Laat ze maar gaan, die gaan nog duizend doden sterven onderweg,” dacht ik. Dat gold natuurlijk niet voor iedereen. Ik heb namelijk vrij weinig mensen ingehaald, om het met een understatement te zeggen, haha.  Maar op de duur merk je dat je haasje-over aan het spelen bent met bepaalde mensen. Op één of andere manier duiken ze altijd terug in je buurt op.

Na 2 kilometer lag mijn gemiddelde snelheid op 10,6 km/u. Perfect. Als ik dit kon volhouden, zou ik die 2-uursgrens wel eens kunnen breken. De hartslag gedroeg zich keurig. Na 5 km was de gemiddelde snelheid teruggevallen naar 10,5 km/u. Oei. Trager mocht ik niet meer gaan. Het nadeel van lopen zonder dat je bij een groepje kan aanpikken, is dat je zelf tempo moet maken. Als je met iemand kan meelopen die een tempo loopt dat je mits enige moeite aankan, dan hou je dat vol. Als je alleen loopt, zakt je tempo ongemerkt in. Als je niet elke seconde geconcentreerd bent op je snelheid, kan je het vergeten. Zo zag ik de snelheid terugvallen naar 10,4 km/u. Dat ging al moeilijk worden om binnen de 2 uur te finishen. Mijn hartslag zat vooraan in de 170 wat eigenlijk heel goed was. Ik had echter niet veel kracht in mijn benen. Het draaide niet zo goed. Zou een gelletje helpen? Op km 9 nam ik een eerste gelletje. Toen ik de snelheid zag terugvallen naar 10,3 km/u wist ik dat het over was. Ach ja.

Ik zou deze halve marathon gewoon tot een goed einde brengen en met een goed gevoel verder lopen. Rond kilometer 13 werd ik pardoes uit mijn overpeinzingen opgeschrikt toen ik een man aan de kant van de weg hoorde brullen; “Kom op Sandy! (natuurlijk uitgesproken als Sendy) Je bent goed bezig! Zet ‘m op, meid!”  Ik was op zoek naar een bekend gezicht, maar toen viel mijn frank dat hij gewoon willekeurig supporterde en de naam van mijn startnummer aflas.

Vlak daarna bedacht ik me dat ik misschien wel erg moeizaam liep, dat die man het nodig vond om zo enthousiast aan te moedigen. Het zou kunnen, natuurlijk Lachen Nee, hoor. Het toverde onmiddellijk een glimlach op mijn gezicht om zo aangemoedigd te worden. Die supporters in Eindhoven verdienen trouwens een dikke pluim. Op het gehele parcours was er geen enkele meter die niet bezet was door toeschouwers. Het is me een raadsel het ze het voor elkaar krijgen om zoveel mensen op de been te brengen om een groep lunatics hun ding te zien doen.

Vanaf kilometer 15 begonnen er meer en meer mensen te wandelen. Ik stak ze voorbij, waarna ze na enkele minuten weer voorbij kwamen gevlogen, om daarna weer compleet stil te vallen.  Zelf heb ik deze halve marathon geen meter gewandeld. De volledige 21,2 km gelopen.

Op kilometer 17 had ik het wel gehad. De gedachte kwam ik me op om daar, op dat moment ermee op te houden. Wat zou dat een goed gevoel geven. Gewoon stoppen, zodat ik mijn schouders niet meer voelde trekken. Maar tegelijkertijd gaf ik mezelf naar mijn voeten en hoorde ik in gedachten de geblesseerde thuisblijvers vermanend zeggen: “wees blij dat je überhaupt kàn lopen!”  En dus ploegden we voort. Tenslotte waren we niet eens echt aan het afzien. Gewoon een beetje moe.

Wreed frustrerend om in het centrum van Eindhoven tussen de massa toeschouwers te lopen, net alsof het einde in zicht is, maar je toch nog 2 km moet lopen. Man, dat is lastig! Vooral mentaal. Ook al weet je op voorhand dat dat lastige moment gaat komen op die plek, toch valt het tegen. Elke meter wordt dubbel zo lang. De rijen toeschouwers worden minder dik na een tijdje en je weet dat je nog even moet doorbijten. Je bent er nog niet. Volhouden. Stoppen met denken. Gewoon lopen. De ene voet voor de andere. En dan… dan is daar de boog van de finish. Dan zijn daar de matten.

2uur en 7 minuten. Even nadenken. Dat is de slechtse prestatie ooit op een halve marathon. Was ik teleurgesteld? Nee. Was ik tevreden? Ook niet. Gewoon, er zat niet meer in. Zoals ik al zei, met 3 trainingen per week mag je geen wonderen verwachten. En de zon is voor mij ook een spelbreker. Sommige mensen hebben daar weinig last vast, maar ik kan nu eenmaal niet goed tegen de warmte. Ik heb hem gelopen met een aanvaardbaar gevoel. Het ging niet vanzelf, maar ik ben ook niet diep gegaan. 

Als ik zo even de resultaten op Facebook lees, merk ik dat er weinigen zijn die hun doel wel hebben behaald. Voor velen was de zon er te veel aan. Ach, we zijn alweer een ervaring rijker. Lopen is tenslotte de belangrijkste bijzaak in ons leven.

Vandaag voelen de beentjes een beetje stijf aan. Trappen afgaan is wat lastig, maar er zijn geen echte pijntjes. Buiten de schuurplekken van mijn sportbeha aan de zijkant van mijn romp, maar dat ligt allemaal binnen de lijn van de verwachtingen. Morgen lopen we waarschijnlijk alweer een volgende training.

Wat me gisteren wel opviel, is het typische terugkerende gevoel na een langere wedstrijd. Het zout dat overal op je gezicht hangt. De intense kou die je 2 minuten na de finish overvalt.  De deugd die het doet als je dan een vestje kan aanschieten. Het gebrek aan honger. 

Eens thuisgekomen direct de douche in. Het branden van de schuurplekken eens er water op komt. En kou, kou, kou. Warme douchestralen op mijn schouders om die spieren te masseren, want daar had ik echt wel last van. En na de douche een lekker warme maaltijd die mijn ventje voor mij had klaargemaakt. En daarna de zetel in met nog een extra vestje aan. Dikke warme sokken. En dan, na een uurtje, voelde ik mijn kaken beginnen rood te worden. Ik begon het warm te krijgen. Genieten van de rust en van het gevoel toch weer een serieuze lichamelijke inspanning gedaan te hebben. Hoe interessant House MD ook was, ik kon mijn ogen niet open houden. Dan maar naar boven gegaan en met een verhit lichaam mezelf tussen de zachte koele lakens gevleid. Ogen dicht. En binnen de minuut als een blok in een droomloze slaap gevallen.

21:52 Gepost door Sandy in Wedstrijd | Permalink | Commentaren (9) |  Facebook |

09-10-10

De oude doos


Nee, ik ga het niet over mezelf hebben. Ook al dachten jullie dat wel bij het lezen van de titel van dit blogje. Tong uitsteken

Ons mannen hebben een nieuw Playstation-spelletje. Af en toe wordt daar een liedje uit de oude doos gespeeld. Meestal nummers die heel herkenbaar zijn, maar die je nog zelden hoort. Zo ook dit liedje.

Bij het horen van de eerste tonen werd ik onmiddellijk vrolijk. Ik kon het ook vanaf de eerste letter meezingen. En ondertussen deed het me terugdenken aan begin van de jaren 80 toen mijn brave nonkel zijn uiterste best deed om zijn nichtje goede smaak qua muziek bij te brengen. Het is dankzij hem dat ik al 13-jarige leeftijd The Boss aan het werk zag in De Kuip in Rotterdam. Ik zal hem er eeuwig dankbaar voor blijven! Hij nam me ook mee naar Festivalcatraz in Zonhoven waar we Dave Edmunds aan het werk zagen. "Queen of hearts" is niet door hem geschreven maar verscheen wel op zijn album "Repeat when Necessary". Juice Newton's versie is echter het meest bekend. Geweldig nummer, toch?



Midnight
And I'm a-waitin'
On the twelve-0-five
Hopin' it'll take me
Just a little farther down the line

Moonlight
You're just a heartache in disguise
Won't you keep my heart from breakin'
If it's only for a very short time

Playing with the queen of hearts
Knowin' it ain't really smart
The joker ain't the only fool
Who'll do anything for you
Laying out another lie
Thinkin' 'bout a life of crime
'Cos that's what I'll have to do
To keep me away from you

Honey, you know it makes you mad
Why is everybody tellin' everybody
What you have done
Baby, I know it makes you sad
But when they're handin' out the heartaches
You know you got to have you some

Playing with the queen of hearts
Knowin' it ain't really smart
The joker ain't the only fool
Who'll do anything for you
Laying out another lie
Thinkin' 'bout a life of crime
'Cos that's what I'll have to do
To keep me away from you

[Instrumental Interlude]

Lovers, I know you've had a few
But hide your heart beneath the covers
And tell 'em they're the only one
And others, they know just
What I'm going through
And it's a-hard to be a lover
When you say you're only in it for fun

Playing with the queen of hearts
Knowing it ain't really smart
The joker ain't the only fool
Who'll do anything for you

Playing with the queen of hearts
And knowing it ain't really smart
The joker ain't the only fool
Who'll do anything for you

And laying out another lie
Thinkin' 'bout a life of crime
'Cos that's what I'll have to do
To keep me away from you

14:31 Gepost door Sandy in Muziek | Permalink | Commentaren (0) | Tags: voer sleutelwoorden in |  Facebook |

22-09-10

Een vrije namiddag

hurry.gifWoensdagmiddag 12 uur. Einde van de werktijd voor vandaag. Voor de werktijd op kantoor tenminste. Een vrouw heeft nooit echt gedaan met werken. Ik ga de trap af als ik mijn GSM hoor piepen. Een sms van Mark. Hij komt vanmiddag thuis eten. Leuk, dan zitten we vanmiddag met 4 aan tafel.

Ik vertrek met de auto, doe de zonneklep naar beneden en reik naar mijn zonnebril. Shit, die ligt niet hier. Ah ja, ik had hem gisterenavond uit deze auto genomen omdat ik met Mark zijn auto naar de training ging rijden.

10 na 12. Ik stop bij de beenhouwer. 2 mensen voor mij. Zou het me lukken om op tijd thuis te zijn voor ons mannen er zijn?  Kwart na 12, ik ben aan de beurt. Wat gebraad, wat biefstuk, wat kalkoenlapjes, wat charcuterie. Ik laat mijn ticketje van vorige week zien, er moet nog een bedrag in mindering gebracht worden. Heel toevallig had ik ontdekt dat ik de bestelling van mijn voorganger meebetaald had. Normaal gezien gooi ik die briefjes altijd direct weg zonder ze te bekijken. Vorige week dus niet. Gelukkig maar. De dame neemt een rekenmachine en begint te tellen. Oei, fout getikt, opnieuw.  Dju, weer fout getikt, nog eens opnieuw. Wéér fout getikt, “wat voor een rekenmachine is dat, zeg!” hoor ik haar zeggen. “Doe maar rustig,” zeg ik. Ik kijk op mijn klok. 20 na 12. Ik ga niet op tijd thuis zijn.

 Ik vervolg mijn weg naar huis en kom onderweg op de gebruikelijke plaats familie eend tegen. Grote vergadering, vermoed ik, gezien hun aantal. Thuis zitten Mark en ons mannen al aan tafel. “Je bent zo laat, mama?” vragen de kinderen me. Een paar boterhammen eten, wat babbelen over school, over ’t werk….

Tafel afruimen. Ons mannen ploffen op de zetel. “Mannekes, ga eens naar buiten spelen!”, maan ik hen aan. Hoe is dat in godsnaam mogelijk? Altijd maar voor die tv willen zitten! Mark vertrekt. Kusje, en hij is weg.

Het is 13 uur. Afwachmachine leegmaken.  Als ik de kast van de brooddozen en drinkenbussen open doe, komt alles eruit gevallen. Dat komt ervan als je je kinderen de afwasmachine laat leegmaken en alle spullen in de kast laat zetten. Ik zucht, haal het meest eruit en maak mooie stapeltjes in de kast.

Als dit klaar is, ga ik naar de bureau en zet de pc op. 

- “Hela, als ik geen tv mag kijken, moet jij niet aan de pc gaan zitten!” zegt Robin me vermanend.

- “Ik heb al wel gewerkt, hé jongen, ik heb de afwasmachine helemaal alleen leeggemaakt. En wat heb jij gedaan?” snauw ik hem af.

Wouter houdt mijn gejakker voor bekeken en gaat bij moemoe spelen.

 Een mail ivm een retourzending die ik naar Nederland moet sturen. Ik moet op hun website aanloggen om een retourformulier aan te maken en dit uitprinten. Wat een gedoe. Ik open internet. Geen verbinding. Verdorie! Dat was gisterenavond laat ook al het geval.  Ook de mail geeft plots een foutmelding.

Accountinstellingen testen. Noppes. Ik meld me af en meld me terug aan. Nog eens proberen. Lukt niet. Ik meld me af, zet de pc uit, trek de pries uit, zet alles terug op, meld me aan, verbinding testen. Nog steeds niet. Miljaar!!! PC terug af.

Telefoon. Het vriendje van Robin vraagt of Robin niet bij hem kan komen spelen ipv hij bij ons. De lijn wordt plots verbroken. Een halve minuut later belt hij terug. Ok, ok, ik breng Robin wel. Hem alleen laten gaan met de fiets betrouw ik niet want hij moet de grote baan oversteken.

Ik ga naar de garage. Trek de stekkers van de modem en de router uit, steek alles terug op zijn plaats. Ik zet de pc terug op en meld me aan. Terug verbinding. Yes!!! Zeg nog eens dat een vrouw hare plan niet kan trekken.

Robin komt vragen wanneer we vertrekken. “Sebiet.” “Ja maar, wanneer is sebiet? Binnen 5 minuten of binnen een half uur?” “Sebieieieieieiet!!” roep ik geïrriteerd.

 Mijn wachtwoord blijkt niet meer te werken, dus ik vraag een nieuw op.  Allé vooruit, alles ingevuld, retour aangemeld, maar dat ding wil niet printen “Can’t open the document vanwege één of andere failure”. Godmiljaarde! Waarom wil dat ding niet meewerken? Ik maak een screenshot van de belangrijkste gegevens, print dat af en steek dat bij in de doos. Het moet maar goed genoeg zijn. Het is bijna 14 uur.

We vertrekken met de auto. Met de fiets had ook gegaan, maar ik moet nog naar de apotheker en dan is de auto sneller. “Oh ja, vergeet niet dat ik straks wil trakteren op de volleybal, hé! Je moet nog snoepjes gaan kopen!” zegt Robin me.  Robin bij het vriendje afgezet en ik rij richting Oostmalle.

Eerst nog stoppen op het postpunt om mijn pakketje te verzenden. Aangetekend? Waarom niet, doe maar vlug. 11 euro? Pfff, dan bestelt een mens al eens iets via internet voor de goedkoop en nu ben ik wel ferm gechareld. Ach, who cares. Ik betaal en ben er vanaf. Nah! Weg met dat ding! Ik wil er niks meer over horen.

Ik stap in en rij verder. File. Ik ben verdorie ons dorp amper uit! Wat is er aan de hand? Ik besluit aan te schuiven. Er zit toch niks anders op.

Wim de Craene zingt over Rozanne.

Weet je nog hoe ik vertelde
hoe pijnlijk het afscheid is.
Hoe traag een schip de baai afvaart
hoelang het wuiven is.
Voordat het schip een stip wordt
dat helemaal verdwijnt.
En hoelang je nog zou blijven
in de havenkroeg bij Stijn.


En toen we afscheid namen
was ik rotsentimenteel.
Ik wou voor het laatst met jou naar bed
en God het scheelde echt niet veel.
Niemand was die nacht, Rozanne,
zo gek als wij ons twee.
Hoe gek het ook mag blijven
’t viel allemaal wel mee.

Ik vraag me af wat hem er 20 jaar geleden toe gedreven heeft zich van het leven te beroven. Een mens moet toch echt aan het einde van zijn latijn zitten als dat nog de enige uitweg lijkt.  Ik zou het nooit doen, maar ik begrijp hem. Soms doet leven gewoon pijn. Te veel pijn om te kunnen dragen.

Waarom wilde ik alweer per se naar Oostmalle naar de apotheker? Omdat de apotheker van ons eigen dorp nooit iets in huis heeft, en we al jaren naar Oostmalle rijden. Da’s waar. Maar het zijn nu andere uitbaters, misschien in het vervolg toch eens proberen? Wat maakt het nu nog uit? Ik ben al halfweg. We maken vorderingen! 10 km/u…20 km/u….30 km/u…hola, we rijden! Eens ik het kruispunt over ben parkeer ik de wagen en snel naar binnen. Een potje dagcrème van Widmer – mijn favoriet, en zalf tegen aftjes want Robin met zijn blokjes…, en oh ja, vitamientjes voor mezelf. En ook nog een fles tegen de snotvalling. En da’s just, nu ik hier toch ben: 2 tubes tandpast van Sensodyne, die speciale die je niet in de winkel kan krijgen. Die moest ik al zo lang geleden gekocht hebben. Klantenkaart? Die zit nog in mijn gestolen handtas. Niet erg, dan maken ze wel een nieuwe aan en zetten ze de puntjes over.

Ik rij terug naar huis en de file is verdwenen. Straf. Pech gehad daarstraks dat ik net op dat moment naar Oostmalle wilde rijden.

Goh, dat zonnetje schijnt nogal, zeg. Dju, ik ben vergeten mijn was buiten te hangen! Waarom  heb ik dat daarstraks niet eerst gedaan? Hij had al droog kunnen zijn! Ah ja, da’s waar, ik moest Robin eerst wegbrengen. En hij zat al op hete kolen.

In rij mijn huis voorbij en rij naar de supermarkt. Snoepjes kopen en wasmiddel, want dat was op. En ook Bonne Nuit kruidenthee, want die is al 2 weken op en ben ik altijd al vergeten mee te brengen. Ik feleciteer mezelf dat ik er nu wel aan denk.

In de auto bedenk ik dat ik de was vandaag zeker moet doen. Ik moet absoluuit strijken. En eigenlijk ook het huis kuisen. Als ik nu straks mijn mannen eens aan het werk zet om boven andere lakens op de bedden te leggen en boven te stofzuigen? Zou dat pakken? Pfff, Robin is pas laat thuis want die moet nog volleyballen. En dan nog huiswerk maken. Wouter is nog te klein om dat alleen te kunnen, en die heeft ook huiswerk. En Mark, tja, die heeft ook al een hele dag moeten werken.

Ik kom thuis en het is al na half 3. Al halverwege de middag! Met mijn handen vol zakken, een handtas en huissleutels stommel ik binnen. Ik zet de zakken op tafel en leg alles op zijn plaats. Ik zie de rijpende tomaten die mijn vader gebracht heeft op het vensterschap liggen, en bedenk me dat ik die dringend in de diepvries moet steken. Anders worden ze slecht.  Ik moet nog soep koken. Want het is woensdag, en dan heb ik een vrije namiddag en dan heb ik tijd om te koken. En de was hangen. Eerst de was hangen!  Ik doe mijn vestje uit en gooi het vlug op de rugleuning van een stoel, want pfff, wat is het warm.

Plots stop ik. Ik roep mezelf tot de orde.

WAT BEN IK EIGENLIJK AAN HET DOEN?

Ik ben mezelf aan het afjagen. Ik probeer honderd en één dingen tegelijk te doen. En terwijl ik met één ding bezig ben, denk ik al aan het volgende. Frustraties tot en met omdat ik zoveel taken in die ene halve vrije (?) dag wil proppen.

Dit moet anders. Dit kan anders.

Ik neem de was uit de machine en wandel rustig naar buiten.  Ik voel de zon op mijn huid. Ik voel de wind op mijn schouders. Ik voel hoe de wind met mijn haren speelt. Ik geniet van de warmte terwijl ik de was ophang. Ik denk aan niks anders behalve aan wat ik aan het doen ben. Heel rustig. Ik hoor in de verte kinderen spelen. Ik hoor de vogels in het bos. Ik zie hoe de zon schaduwen maakt op de garagemuur. Ik zie de t-shirtjes wapperen. Ik lach met mijn favoriete ondergoed dat in hetzelfde model in 3 verschillende kleuren aan de draad hangt. Dat is écht wel mijn favoriet zo te zien.

Zo gaat het ook.

En weet je, het gaat even rap. Je beleeft het alleen anders.

18:42 Gepost door Sandy in Vrije tijd | Permalink | Commentaren (8) | Tags: voer sleutelwoorden in |  Facebook |

19-09-10

Nog efkes!

Wat een drukte de voorbije dagen.

Vrijdag verjaarde Robin. Hij werd 11 jaar, en sprak al een heel jaar van “de fuif” die hij ging geven als hij in het zesde leerjaar zat. Vrijdagavond was het dan zo ver. In het zaaltje van zijn school stond de DJ (een 15-jarige dorpsgenoot) klaar om de mannen bezig te houden. Niet alleen de kinderen van de 2 zesde leerjaren waren er, maar ook familie, zijn vriendjes van de volleybal, en zelfs vriendjes van het CM-kamp! Dat was een leuke opsteker, want zij moesten toch van een paar dorpen verder komen.

Op een gegevan moment draaide de DJ een slow (de enige van die avond). Keigrappig om te zien wie wel en niet durfde. De koppeltjes die het wel aandurfden om op de dansvloer te gaan staan hadden elkaar bij de schouder vast. Met gestrekte armen. Zoals mijn schoonbroer uitdrukte: “dat was geen slow maar een safety dance! “ :-)

Hij wordt groot, mijn kleine jongen. Deze morgen vroeg ik hem of hij in het dorp bij de kraam een gebraden kip wilde gaan kopen. Hij ging in de garage mijn fiets halen.  “Wat ga jij met mijn fiets doen?” vroeg ik hem. “Naar het dorp rijden,” zei hij. “Jouw fiets heeft zakken achteraan dus dat is makkelijk”. En weg was hij. Toen moest ik toch even slikken. Mijn kleine jongen past al op mijn fiets….

Gisteren was het pistemeeting. Ik werd verondersteld, net als vorig jaar, om mee de deelnemerslijsten op te maken en de resultaten te verwerken. Op een gegeven moment hebben we gegierd van het lachen. Guy zat naast mij de resultaten van werpnummers voor te lezen, en ik was ze ijverig op de laptop aan het intikken. Ineens schoot hij in de lach. Omdat ik geen tijd had om op te kijken, ging ik er vanuit dat hij iets grappig zag. We deden verder, maar hij moest nog harder lachen. “Zeg, wa hedde gij eigenlijk?” vroeg ik hem. “Je zou eens moeten horen hoe jij elke keer “ja” zegt, dat gaat altijd maar in stijgende lijn!” Ik snapte ‘m. “Nog efkes, Guy!” kon ik niet laten om te roepen, “nog efkes!” Lachen

Dat is toch niet te onderschatten, hoor, zo’n pistemeeting. Na een paar uur geconcentreerd resultaten intikken, ben je groggy en dansen de cijfertjes voor je ogen.

Hieronder een foto van Robin bij het hockeybalwerpen:

Robin 2.JPG

Vandaag moest ik zelf nog eens aan de bak. Een duurloop van 15 km met hartslag onder de 145. Ik had een vroegere zwerftochtroute wat aangepast in Sporttracks en deze naar mijn Forerunner gestuurd. Het zou 18 km worden ipv 15. Een paar km extra is niet zo erg. Maar goed dat de hartslag niet onder de 135 moest zijn, want het lukte me niet om hem naar omlaag te krijgen, hij bleef rond de 140 hangen.

Een nieuwe omgeving om te lopen kan toch deugd doen. Ik was er in het voorjaar al wel eens geweest in voorbereiding op Brussel. Ook nu liep ik op een gegeven moment helemaal in the middle of nowhere in een onbekend bos. Alleen maar bomen rondom mij. En blauwe lucht en zonnestralen. En langpootmuggen. Ik denk dat het bevolkingsaantal van de langpootmuggen op dit moment aan haar hoogtepunt zit. Ze vlogen werkelijk overal! Ik kon de route perfect op mijn Forerunner volgen en ben niet verloren gelopen. Zelfs nergens getwijfeld.

In tegenstelling tot de wedstrijd van vorige week, had ik krachten op overschot in mijn benen. Ik besloot op 4 km van huis om een trukjes van mijn coach na te apen. Ik had namelijk op zijn blog al een paar keer gelezen dat hij soms de laatste kilometers van een lange duurloop in hoger tempo doet.  Zou ik dat ook kunnen? Hij zou me dit folieke wel vergeven.

Ik ging proberen om mijn HM-tempo aan te houden tot ik thuis was. Ja, dag Jan! Het voelde alsof ik 11 km/u liep, maar in werkelijkheid zat ik maar aan 10,3 km/u. Mijn hartslag bleef onder de 170, de benen waren krachtig, maar om één of andere reden ging ik niet harder. Toch heb ik die 4 km in hoger tempo kunnen volhouden. Ik kwam thuis met het gevoel dat ik 8 km had gelopen ipv 18 km. Hoe onvoorspelbaar is dat lopen soms toch?

De laatste kilometers hebben me doen beseffen dat mijn grote droom voorlopig een droom zal blijven. Ik denk niet dat ik in Eindhoven onder de 2 uur ga kunnen duiken dit jaar. Toegegeven, met 3 trainingen per week (waarvan er dan soms nog één wegviel) mag je geen wonderen verwachten.

Ik vind het niet erg, hoor. Ik blijf de ambitie houden om die halve marathon ooit eens onder de 2 uur te lopen. Wie weet, als ik ooit eens een superdag heb en zonder enige stress aan de start zal staan…misschien dat het me dan wel lukt. We zullen wel zien. Zo lang ik plezier in het lopen heb, is voor mij elk resultaat goed.

 

19:25 Gepost door Sandy in Training | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

11-09-10

Monumentenloop Vorselaar

Ik heb vandaag een wedstrijd gelopen. En daarmee is zo ongeveer alles gezegd. Ik gebruik bewust geen adjectief omdat ik niet goed weet welk gevoel ik er op moet plakken.

 We stonden slechts met 3 Dallers aan de start van de Monumentenloop in Vorselaar. De 14 km gingen we lopen.  Tijdens het warmlopen op de piste hoorden we de omroeper in enthousiaste termen over het stralende weer spreken. I beg to differ. Voor de lamme tamme toeschouwer is dat zonnetje natuurlijk heerlijk, maar als je fysieke arbeid moet gaan leveren denk je daar lichtjes anders over. Van mij had het gerust 10° frisser mogen zijn. 

Ja, ik weet het, ik ben aan het zagen. In augustus heeft de zon amper geschenen en dan is het vandaag zo’n mooie dag, en zit ik daarover te janken. Maar ik moet het minder goede resultaat toch op iets kunnen steken, zeker?

Ik heb de voorbije week geen meter gelopen wegens diverse oudercontacten. Ideale voorbereiding op een wedstrijd dus, haha. Nu ja, ik ben er al lang mee opgehouden om me in bochten te wringen om alles wat ik wil doen, te kunnen doen in een bepaald tijdsbestek. Soms moeten er dingen wijken. Niks aan te doen. En dus vielen de looptrainingen deze week weg. Zou wel handig zijn om soms wat minder te "willen", dat ook.

Vanaf de eerste kilometer scheen het zonnetje ongenadig op onze bolletjes. Hoogzomer was het. In het begin voel je dat nog niet zo hard, ik kon dan ook een snelheid van ongeveer 11 km/uur aanhouden. Perfect. Na een paar kilometers snakte ik echter al naar schaduw, het zweet liep er af, maar er was geen enkel boompje, geen enkel takje dat schaduw bood. Dirk en Nancy liepen zo’n 5 meter voor me. Al gauw hadden een paar mensen hun wagonnetje aangehaakt en vormden ze een groepje. Niet lossen, dacht ik, dus ik probeerde te achtervolgen. Wat me ook goed lukte. Ik zag de snelheid op mijn Forerunner echter met de kilometer zakken. Rond kilometer 8 dacht ik: “waarom doe ik dit eigenlijk?” Ik ken mezelf genoeg om te weten dat het vet van de soep is als dergelijke vragen zich spontaan in mijn geest aandienen. Ik probeerde mijn denken stop te zetten en mij op mijn muziek te concentreren, maar zoals onze trainer gisteren nog zei: “om het verstand op nul te zetten, moet de ene al verder terugdraaien dan de andere” :-) (voor alle duidelijkheid: ik moet nooit ver terugdraaien, hoor)

Op kilometer 8 was het voor mij genoeg geweest. Ik had wel willen stoppen. De benen hadden alle kracht verloren. De ademhaling ging nog vrij goed, maar ik had geen fut meer. Alle boterhammen met poepgelei van vanmorgen en vanmiddag ten spijt.  Zelfs een gelletje bracht geen soelaas. Maar toen dacht ik dat door te wandelen de strijd dan alleen maar langer zou duren en dat ik er niet vrolijker van zou worden. Dus heb ik maar dapper doorgelopen. Onderweg ben ik nog één keer gestopt om een vrouw mee recht te helpen die een buiteling had gemaakt. Ook waren Nancy en Dirk terug aangesloten – zij waren wat achterop geraakt doordat Nancy wat misselijk was. En zowaar, de laatste 2 kilometers ging het terug beter. Met z’n drieën zijn we vertrokken en met z’n drieën zijn we aangekomen. Na 1 uur en 26 minuten voor 14,2 km. Gemiddelde “snel”-heid 9,8 km/u. Volgens Sporttracks zelfs 9,9 km/u. Jawadde.

Eén troost: in de kleedkamers van de vrouwen was er niemand content. Alle vrouwen hadden blijkbaar een off-day gehad. Zou het dan toch aan het weer gelegen hebben?  En op de uitslagen waren Nancy en ik 10e en 11e vrouw in onze categorie. Dus echt slecht was het niet. Maar vertrouwen voor Eindhoven geeft het ook niet bepaald….

Nog 4 weken te gaan.

19:52 Gepost door Sandy in Wedstrijd | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

06-09-10

Broken Strings



Let me hold you
For the last time
It’s the last chance to feel again
But you broke me
Now I can’t feel anything

When I love you
It’s so untrue
I can’t even convince myself
When I’m speaking
It’s the voice of someone else

Oh it tears me up
I tried to hold on but it hurts too much
I tried to forgive but it’s not enough
To make it all okay

You can’t play on broken strings
You can’t feel anything
That your heart don’t want to feel
I can’t tell you something that ain’t real

Oh the truth hurts
A lie is worse
I can’t like it anymore
And I love you a little less than before

Oh what are we doing
We are turning into dust
Playing house in the ruins of us

Running back through the fire
When there’s nothing left to save
It’s like chasing the very last train
When it’s too late

Oh it tears me up
I tried to hold on but it hurts too much
I tried to forgive but it’s not enough
To make it all okay

You can’t play our broken strings
You can’t feel anything
That your heart don’t want to feel
I can’t tell you something that ain’t real

Oh the truth hurts
And lies worse
I can’t like it anymore
And I love you a little less than before

But we’re running through the fire
When there’s nothing left to say
It’s like chasing the very last train
When we both know it’s too late

You can’t play our broken strings
You can’t feel anything
That your heart don’t want to feel
I can’t tell you something that ain’t real

Oh the truth hurts
And lies worse
I can’t like it anymore
And I love you a little less than before
Oh and I love you a little less than before

Let me hold you for the last time
It’s the last chance to feel again

22:32 Gepost door Sandy in Muziek | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

04-09-10

Mist

Als ik ’s morgens de gordijnen open trek en ik merk dat er mist buiten hangt, kondigt dit niet altijd een seizoenswissel aan. Nee, meestal wil dit gewoon zeggen dat het tijd is om mijn ramen te kuisen.

Zo ook vandaag. Het was een lekker weertje, ik voelde een opstoot van energie en had mijn huis vanmorgen al onder handen genomen. Tijd voor de ramen dus. Nu moet je weten dat ik vroeger bij mijn ouders thuis altijd de ramen kuiste met spons en zeemlap. Ik was niet beter gewoon. Trapladdertje mee naar buiten, klimmen en kuisen.

ramenreiniger.jpgSinds ik getrouwd ben, heb ik me een spons/aftrekkertje-in-één aangeschaft. Zo’n ding met een handvat waar je een steel in kan steken, en aan één kant een soort spons hebt om mee te wassen, en als je een knopje indrukt kan je het draaien en verschijnt het aftrekkertje aan de goede kant. Als je enkel spons en zeem gewoon bent, lijkt dit wel high-tech.

Ik heb dat ding sinds we in ons huis wonen, dus sinds 1998. Om de zoveel maanden trok ik met trapladder, emmer met zeepsop, doekje en spons-aftrekkertje naar buiten. Niet dat kuisen in het algemeen, of ramen kuisen in het bijzonder, tot mijn geliefde bezigheden hoort, maar zoals reeds gezegd, spreekt de mist soms boekdelen en zet die aan tot actie.

Met mijn 1m65cm ben ik net niet groot genoeg om aan de bovenkant van de ramen te geraken. Bij de grote schuifraam los ik dat op, door op de arduin te gaan staan, maar dat kan bij de andere ramen niet. Dus sleurde ik dat trapladdertje altijd mee. De emmer zette ik vanboven op het plateautje. Eigenlijk was de emmer net iets te breed. Hij stond er maar voor drie vierde op. En eigenlijk was dat plateautje net iets te hoog. Als ik mijn doekje wilde uitwringen, dan wrong dat wat tegen.

In plaats van de emmer elke keer van dat trapladdertje te pakken, de ladder naar de volgende raam te brengen en de emmer er terug op te zetten, had ik daar iets op gevonden. Iets tijdsbesparend: gewoon de emmer laten staan tijdens het heffen en verplaatsen. Dat vereiste enige evenwichtsoefenening, maar meestal ging dat zonder problemen. Meestal.

Net toen ik de ramen aan de voorkant van het huis aan het doen was, dus in het zicht van de buren, besloot de emmer met water tijdens het verplaatsen te wankelen en te vallen. Recht in mijn décolleté. Omdat ik niet elke dag vuil water met natte spinnenwebben in mijn décolleté gegoten krijg, sloeg ik een gil(letje). Toch was het luid genoeg voor de buurman die natuurlijk net op dat moment ook in zijn voortuin bezig was. Hij hoorde me, hij keek, en hij zag me druipen. En hij lachte.

Soit, ik wijk af. Waar ik eigenlijk naartoe wilde is het volgende: soms is een mens zo lomp, zo ontzettend lomp dat het beschamend is. Weet je welk lumineus idee me namelijk ergens in de loop van dit jaar binnenviel? Waarom draai ik geen stok in dat handvatje? Dan heb ik dat verdomde trapladdertje helemaal niet nodig! En ik kan toch overal bij! De oplossing is zo vreselijk simpel, dat mijn kaken spontaan rood worden bij het besef dat ik 11 jaar met dat trapladdertje gezeuld heb, terwijl ik gewoon een stok nodig had.

Waarom ik er dan een blogje aan wijd? Omdat ik mijn trouwe lezertjes ook iets gun. Laat ze nog maar eens lachen met de stomme fratsen van ondergetekende. Ik kan er zelf ook mee lachen. Hoe loemp kan ne mens toch zijn?

In elk geval, als ik nu naar buiten kijk zie ik blauwe lucht, groene bomen en helder groen gras. De mist is opgetrokken. Lachen

19:33 Gepost door Sandy in Zever | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

01-09-10

Lessen in genetica

-  “Mama, zeg nu eens jouw definitieve antwoord: Wil je dat ik mijn fuif alleen geef of samen met een vriendje?”

-  “Samen met een vriendje vind ik beter. Vraag eens aan papa wat hij denkt.”

-  “Dat is niet nodig, dat weet ik zo ook wel.”

-  “Waarom? Jij weet toch niet wat papa denkt?”

-  “Jawel. Luister: Mijn genen zijn een combinatie van jullie genen. Jij zegt dat je wil dat ik samen met een vriendje een fuif geef, maar ik wil eigenlijk liever alleen een fuif geven, dan kan het niet anders dan dat papa ook wil dat ik alleen een fuif geef. Ik heb ook zijn genen, hé!”

Tegen zoveel kinderlogica kon ik niet meer tegenop.Lachen

22:41 Gepost door Sandy in Zever | Permalink | Commentaren (3) | Tags: voer sleutelwoorden in |  Facebook |

1 2 3 4 5 6 7 8 9 Volgende